Translate

dinsdag 6 december 2022

WATSKEBEURT (DEEL II)

 Aangezien ik me in het department van de Eriks bevond, besloot ik ook Erik Mdogo te gaan bezoeken.
Hij woont een eind buiten de stad, in het midden van nergens, in zijn eigen kleine paradijsje waar hij Masika brouwt, een ginger-alcohol wijntje voor de lokale markt.

Mdogo was een succesvol manager voor een bloemenfarm tot hij er plots finaal genoeg van had.
Hij kocht in 2008 een lap grond en bouwde er eigenhandig een huis van modder en stro op. Twee verdiepingen alsjeblieft en leeft nu een heel bescheiden leven met zijn Masika-wijn, zijn zonnepannelen en zijn groententuin. Nooit meer een vast inkomen gehad...
Ik kan alleen maar bewondering opbrengen voor Erik Mdogo want hij zit wel heel erg ver van het doorsnee leven dat wij allemaal kennen.



Masika wijn. Lekker spul!!

Het huis van modder en stro


Lokaal en lekker eten bij Erik Mdogo


En nog waren de avonturen niet afgelopen.
Nu ging het diep in Maasailand, op de steile hellingen van Mount Meru en door het dorpje Oldonyo Sambu waar Koen een bloemenfarm bestierde.
Hij woonde - alweer - op een prachtig plekje met zicht op de vlakten van Lake Natron terwijl achter hem Mount Meru zijn schaduwen afwierp.

Hoe het allemaal gebeurd was, dat weet niemand, maar zijn paradijsje was ook de overnachtingsplaats van polopaarden op rust.
Eens de paarden het spel van de rijke blanken niet meer aankonden, gingen ze op pensioen op de hellingen waar ook een paar hengsten rondliepen.
Deze plaats was met opzet uitgekozen want net deze hellingen zorgden er voor dat de veulens sterke poten ontwikkelden want onmisbaar was voor de wendbaarheid tijdens een match....

Overdag graasden de paarden in de omgeving en eens het begon te schemeren kwamen ze terug naar de weide bij de farm.

een bee eater met de vlaktes van Lake Natron
op de achtergrond










































maandag 5 december 2022

WATSKEBEURT? (DEEL I)

 Tja, wat doe je dan zo allemaal als je aankomt in een nieuw land dat eigenlijk zo nieuw niet is?
Je loopt een beetje rond in de hoop van mensen en plaatsen ter herkennen van acht jaar geleden en meestal loopt dat wel vlot.

Zo kwam het dat ik twee dagen na aankomst een date had.
Met de mama van Gert-Jan die zelf twee jaar jonger is dan ik.
'Mama' zoals ik mijn Tanzaniaanse mama uit Nederland altijd heb genoemd, was nog nooit naar het vuurwerk op Braeburn International School geweest en ik had ze zover gekregen dat ze mee zou gaan.
Mama is namelijk heerlijk rechtstreeks en eerlijk. Je weet tenminste onmiddellijk wat je eraan hebt.

We vonden een tafeltje in afwachting van het vuurwerk en ik zag goeie vriendin Kim passeren.
Goed wetende dat ze niet goed ziet maar toch geen bril wil dragen, riep ik haar naam in het schemerdonker.
Kim aarzelde, twijfelde maar toen kwam toch de herkenning. 


We praatten eventjes en Kim toonde me waar haar Tanzaniaanse man Alfred van een concertje stond te genieten.
Ik ging ongeinteresseerd naast hem staan en bleef naar het optreden kijken.
Alfred keek een paar keer opzij, twijfelde ook maar deed dan wat enkel een Tanzaniaan kan.
Hij draaide mij negentig graden naar zich toe, nam mijn hoofd met beide handen vast en duwde zijn voorhoofd tegen het mijne.
Zo stonden we eventjes in een innig mooie begroeting...
Ik keek terug op en keek recht in de liefste glimlach die ik ooit van een man heb ontvangen.
Als welkom kon het tellen.
 
Het werd tijd om wat te eten en zoals op elke festiviteit was Khan's Barbeque aanwezig.
Zij hadden ook een plaatsje in de stad - Chicken on the Bonnet - waar ze overdag auto-onderdelen verkochten en waar zich 's avonds miraculeus een Indiaanse BBQ bevond.

Netjes stond ik in de rij tot de oudste broer Khan me opmerkte.
We hadden ooit nog samen iets uitgewerkt op zijn vraag om meer safari's te verkopen tot ik vond dat ik ook wel moest betaald worden.
Toen was plots zijn moeder overleden en moest het hele projectje eventjes in de koelkast.
Een maand later gingen we nog eens van start maar helaas stierf zijn moeder opnieuw toen ik het over mijn salaris had.

Wel goeie vrienden gebleven.

Meneer Khan nu zei 'welcome back, mzee' (respectvol - wijze man) alsof hij nooit anders had verwacht dan dat ik op een dag opnieuw aan zijn kraampje zou staan.


oudste broer Khan met de blauwe pet





Lekkere halve kip met groenten à volonté en een naan-broodje voor $8


Blij wandelde ik terug naar het plastieken tafeltje waar mijn date zat te wachten.
Ze bekeek afkeurend wat ik voor haar veroverd had.
'Die slappe lappen,' zei ze, doelend op de naan, 'ik vin er niks an.'

We bekeken een prachtig vuurwerk en in de auto naar huis werd mijn hele toekomstbeeld de grond ingeboord.
'Wat een onzin, dit hele gedoe; hier kom ik nooit nog terug,' klonk het afkeurend.
En mama een beetje kennende, ga ik volgend jaar zonder haar....


Een paar dagen later vond ik Manase terug.
Hij was mijn operations manager geweest in de tijd toen we hernieuwbare olie persten en hij is nog altijd iemand die enorm indruk op me maakt.
Ik ontmoette hem in 2006 in een lodge op anderhalf uur van de dichtsbijzijnde asfalt waar hij tent-boy was. 
Tenten schoonmaken, lakens verversen, kortom een heel doordeweekse job.
Toch was er iets speciaals aan Manase en samen gingen we het gebied van de Hadzabe (bekijk zeker de video als je de tijd hebt) in om palmbladeren te zoeken voor de afdakjes boven de tenten.
We kwamen een paar Hadzabe tegen, eentje maakte een kuil terwijl we probeerden te communiceren, groef een wortel op, hakte er een stuk vanaf en dronk dan met grote teugen water dat in het ding opgeslagen zat.
Een beetje zoals wij een drankje uit de automaat zouden halen maar dan met meer moeite en minder geld, want geld dat kennen de Hadzabe niet....

Manase


Manase dus werkte voor me met een eerlijkheid, een natuurlijke autoriteit en een rust die ik nog nooit bij iemand had gezien. Die kerel is goud waard.
Toen we in 2014 vertrokken, versierde ik hem een baantje bij een zadenbedrijf en daar is hij nu assistent manager.
We gingen nyama choma eten - Tanzaniaanse barbeque zonder bestek - dronken er op de middag te veel bier bij en het was alsof ik de broer die ik nooit had, terugvond.

Dezelfde avond stond er nog een historische ontmoeting op het programma want ik had Erik 'Mkubwa' kunnen contacteren.
'Mkubwa' betekent 'groot' terwijl 'mdogo' 'klein' is.
Er is namelijk nog een Erik in de stad.
Erik Mdogo inderdaad.

Erik Mkubwa kwam als 18-jarige naar Arusha met zijn ouders-missionarissen en toen zij terug naar de USA trokken, bleef hij alleen achter.
Hij deed een beetje van alles tot hij een bedrijf oprichtte dat internet aanbood.
Iets wat tamelijk onnodig was in de jaren negentig maar waar niemand nu nog zonder kan.
In het begin hadden ze een antenne staan op de top van Mount Meru.
Ik heb die verduivelde berg ooit beklommen en nooit of te nooit wil ik die marteling opnieuw doorstaan.
Mkubwa daarentegen moest wel eens naar boven toen een storm de antenne had omgeblazen.
Recht uit zijn achtertuin gingen ze met een man of drie steil de berg van 4.566 meter op, repareerden de antenne en kwamen diezelfde dag terug naar beneden.
Ikzelf had er vier dagen voor nodig kwestie van het in perspectief te plaatsen...


Het bedrijf groeide tot honderd man en maakte flink geld.
Erik bleef evenwel dezelfde man en betaalde zichzelf een mager salarisje uit.
Hij zit nog altijd - zoals ik hem kende - in een lokale tent een biertje te drinken en we praatten alsof er geen acht jaar had tussengezeten.


Mkubwa













woensdag 30 november 2022

HET LEVEN ZOALS HET IS, NGARAMTONI YA CHINI

Alles begint beetje bij beetje samen te komen hoewel er nog veel moet gebeuren. 
De aankoop van het bedrijf begint vorm aan te nemen en ik krijg een beter inzicht in wat er komt kijken bij de verkoop van safari's. 
En dat is heel wat... 
Er moet nagekeken worden of er accomodatie-beschikbaarheid is en dat moet dan weer aan de klant voorgelegd worden. 

Er is Tanapa (Tanzania National Parks), NCAA (Ngorongora Conservation Area en nog iets) en WMA (Wildlife Management Area). 
Alle drie hebben ze strikte regels over hoe precies de betalingen gemaakt moeten worden en natuurlijk verschillen ze alledrie grondig. 
Je mag het niet gedroomd hebben dat een betaling niet doorgaat en dat je gasten vast staan aan de ingang van het park. 

Daarnaast moet je ook die verdomde wildebeesten en zebra's in de gaten houden. 
Dat loopt maar raak door de Serengeti (Kimaasai voor 'eindeloze vlaktes') en een beetje toerist wil natuurlijk de migratie zien zonder honderden kilometers te rijden. 
Op zo'n moment komt het erop aan om vroeg genoeg een lodge of tentenkamp te reserveren dichtbij de migratie. 
Opnieuw een spelletje waarbij data en betalingen moeten gerespecteerd worden want ze gooien je er zo uit. Klanten genoeg... 

Ook in het department housing and transport lopen de zaken voorspoedig. 
Ik heb een alleraardigst huis gehuurd in een rustige buurt.
Behalve tussen vier en zes in de ochtend wanneer driehonderd honden en tachtig hanen een wedstrijdje synchroon blaaien houden. Of kraffen, daar ben ik nog niet uit.

...een alleraardigst huis in een rustige buurt...



De wasmachine is gestraft. I feel like RATM










Om de veelvuldige elektriciteitsbesparingen op te vangen heb ik me ook een generator aangeschaft.


Een beetje kenner ziet dat het ding niet aangesloten is en het zou me niet
verwonderen dat dat nog een weekje zal duren. Tanzania, weet u wel.


Verder heb ik een splinternieuwe Toyota uit 2001 gekocht. Ondanks haar leeftijd is het ding in goeie staat en samen hebben we al mooie avonturen beleefd zoals die keer dat ik op klaarlichte dag tegen een muurtje op een brug aanreed.



Ook de afdeling fruit heeft vruchten afgeworpen.
De eigenaar is vooruitziend geweest en heeft gezorgd voor drie soorten mango's - dat wordt de dunne in de maand dat ze in seizoen zijn -, er staan bananenbomen en er zijn groene oranges.
Verder ook suikerriet en een avocadoboompje met grootheidswaanzin want er hangen veel te veel vruchten in voor zo een klein knaapje...






De Mangoots







De twee vruchten met klinkerende namen



suikerriet




iemand enig idee?




Green Oranges



U ziet, in iets meer dan drie weken is hier hard gewerkt.
En zoals alledrie mijn lezers weten, altijd welkom!!


dinsdag 8 november 2022

NOG NIKS VERANDERD IN TANZANIA

In een ver verleden was Manase mijn operations manager.
Fijne vent; eerlijk en betrouwbaar. Rustig en met een aangeboren autoriteit.
In diezelfde periode was mama Claude ons huismeisje. Altijd goedlachs en altijd ergens met iets bezig.


Ze werkte meer dan acht jaar bij me en ik zou graag hebben dat ze terug bij me kwam werken.
Haar nummer was ik ergens kwijtgespeeld tijdens het veranderen van talloze SIMkaarten dus schakelde ik Manase in.
Op dat moment had ik het nog niet door maar ik had een kapitale fout gemaakt in mijn eerste vraag aan mijn vriend.
"Manase, kan jij aan het telefoonnummer van Mama Claude geraken?"

Dat vindt Manase een fijne opdracht. Beetje tonen dat hij nog niks van zijn vroegere kwaliteiten heeft ingeboet.
Twee dagen later krijg ik een boodschap. Daar heeft hij duidelijk over nagedacht.
"Ja, Bossi, ik heb Lewis ingeschakeld. De broer van Mama Claude. Hij heeft me haar telefoonnummer gegeven."

Vol ongeloof staar ik naar het scherm.
Wel de moeite doen om het op te zoeken. Me ook nog laten weten dat het allemaal gelukt is.
Maar er dan niet toe komen om het me ook nog door te sturen.

Ik besluit tot een geladen stilte om Manase te doen nadenken over zijn onvergeeflijk wangedrag.
Twee dagen later krijg ik een nieuw berichtje.
"Bossi, heb je mijn boodschap ontvangen? Ik heb het nummer hoor," klinkt het tegelijk angstig en trots.

"Prachtig, mijn vriend.," antwoord ik, "en wat ben je ermee van plan?"
Het is even stil. Ik hoor Manase's molentje draaien. Dan komt de oplossing.
"Oooh, heb je dat nummer nodig? Ik kan het je sturen als je wil...."


 Deze ochtend dan ging ik de AIM Mall bezoeken samen met vriend Harald. 
Arusha is veel veranderd in acht jaar.
Mooi, modern ding met een brouwerijtje binnenin. Leuke winkels; een aangename shopping mall.


Er is een winkel die onderbroeken verkoopt voor het geval je de jouwe vergeten bent.


Is het een goed idee om je massagesalon 'sedation' te noemen?
Toch nog eens opgezocht voor alle veiligheid.
Het betekent inderdaad 'een rustige gewaarwording door het toedienen van drugs'. 



En roltrappen. Eentje naar boven en eentje naar beneden. Dat is voldoende voor heel wat plezier vertelt Harald me.

"Je moet hier maar eens komen tijdens het weekend; dan is het feest."
Heelder families slepen hun koters hierheen om een beetje op en af de trappen te reizen. Ze blijven maar rondjes draaien en vinden het heerlijk," zegt mijn landgenoot.
"En af en toe heb je zelfs een trouwfeest. Dan is het helemaal een gedoe. Opa en oma moeten eerst de roltrap op zodat zij boven het bruidspaar staan. Daarna de mama's en de papa's. Dan het bruidspaar en tenslotte een hele meute overenthousiaste kleuters die er een zootje van maken."
"Begin daar maar eens aan als fotograaf."

Er is nog niks veranderd in Tanzania...

Wat er wel veranderd is, is dat ik inmiddels een huis met drie slaapkamers heb. Grotendeels ingericht en wachtend op uw bezoek.
Verder een heel leuk autoootje met permanente vierwielaandrijving en straks ook nog een Tanzaniaans rijbewijs dat me permissie zal geven om zelfs met trucks te rijden.
Tanks en duikboten leek me net iets te hooggegrepen...

Morgen de stad in om van alles te kopen voor mijn huis.
Vloermatten, keukengerief, eten en drank, beddengoed... We zijn goed bezig!

Nog altijd heel gelukkig terug te zijn....


donderdag 3 november 2022

HERKANSING NA EEN VALSE START

De vrouwelijke helft van mijn favoriete koppel belde me onverwacht.
Annemarie vertelde me dat - ondanks een feestdag en een familiefeest - Jakke me heel graag naar Zaventem wou brengen.
Het was een aangename verrassing terwijl ik me al mentaal op een lange treinreis had voorbereid en Jakke en ik kletsten een eind weg.

Wat wel meereisde met me was een constant gevoel van onbehagen.
Het nerveuze idee dat ik vast wel weer iets vergeten had en dat een meiske aan de incheckbalie me met een mix van ongeloof en medelijden zou aankijken terwijl ze voorzichtig mijn paspoort naar me terugschoof en traag van nee schudde.
"Jij gaat niet mee vandaag."

Maar alles ging goed - er was nooit eerder een probleem geweest dus geen verrassing -, ik kreeg mijn boarding pass en ik ging een gevecht aan met honderd Afrikanen die nog nooit van een rij gehoord hadden om op een vliegtuig te stappen.
Het was frustrerend te zien maar tegelijker tijd had ik het gevoel dat een voorvertoning voor me was klaargemaakt om me weer helemaal gewoon te maken aan de heerlijke chaos van het zwarte continent.

In zeven uur werden we naar Addis Ababa gebracht en ik merkte op dat er niks verbeterd was in één van de drukste luchthavens van Afrika.
Het was een zootje, een geschreeuw, een drukte van jewelste maar toch vond ik de juiste gate en stapte ik op een leeg vliegtuig dat me naar Kilimanjaro Airport zou brengen.


..
...stapte ik op een leeg vliegtuig dat me naar Kilimanjaro Airport zou brengen.




Met Gertjan en Anja hadden we beslist dat - aangezien de vlucht om 12.50 landde - ze tussen 14.00 en 14.30 in de luchthaven zouden zijn.
Er was tenslotte de Covid-gezondheidspapierwinkel, immigratie en bagage. 
Allemaal dingen die eindeloos kunnen duren in Afrika.

Het vliegtuig landde twintig minuten te vroeg; de bureaucratie was tot een absoluut minimum beperkt en zo kwam het dat ik om 13.00 stipt buiten op de stoep stond.
Een uur later kwamen mijn vrienden aangescheurd en samen reden we naar Arusha.

Acht jaar geleden was ik vertrokken uit de plaats waar ik mijn hart had achtergelaten en het voelde aan als thuiskomen.
Er waren de vrolijke kindertjes die enthousiast zwaaiden. 
De mama's van de stalletjes aan de kant van de weg die loom hun hand opstaken en een rij parelwitte tanden blootlachten.

De geur van houtskool had me helemaal te pakken. Nooit gedacht dat zoiets je zo op je gemak kon doen voelen maar het was wel zo.
De zoete, zachte geur van de Frangipaneboom.
Lange tijd uit mijn geheugen verdwenen maar o zo vertrouwd.

Het volgende wat me opviel waren de vibrante kleuren van de bomen en de struiken.
Kleuren kunnen je gelukkig maken en dat was nu - meer dan ooit - het geval.
De Bougainvillea, heel aanwezig met een zelfzekerheid die aan arrogantie grensde. Rood, paars, oranje, geel, wit... 
Het tere paars van de Jacaranda die net nu in bloei begon te komen, zacht en voorzichtig en gevoelig.
Dan is er ook de Christmas Tree of Flamboyant.
Met zo een naam kan je niets anders dan jezelf vertonen in vlammend rood.
De Ferrari onder de tropische bomen.










Er waren ook de geluiden.
Gekend sinds jaren alsof ik ze ergens onbewust had opgeslagen.
De bijrijder die met zijn vlakke hand op het dak van de taxibusjes sloeg om klanten aan te trekken.
De vrolijk klaterende lach van de vijf kinderen die samen een spelletje spelen...

Ik had er enorm naar uitgekeken om hier terug te zijn en mijn hooggespannen verwachtingen werden niet ontgoocheld.
Eindelijk terug thuis...












zondag 30 oktober 2022

EEN VALSE START


Voor de laatste keer stapte ik de hotelshuttle naar de luchthaven op, deze keer in het gezelschap van drie zware koffers waar mijn hele leven inzat want ik was niet van plan om voor langere tijd terug te komen naar de US, tenzij dan om de kinderen te bezoeken en, hopelijk, ook soms op te halen.

Het vliegtuig was volzet zo werd ons aangekondigd maar toch had ik drie zitjes voor mezelf terwijl de rest van de passagiers op een kluitje zat. Ik sliep prinsheerlijk en zeven uur later stond ik al in de luchthaven van Brussel waar het meisje B. me ophaalde en me naar mijn familie bracht.

Ik bezocht Knesselare (lekkere lasagne) en Oud Heverlee (duivelse dahl); ik zag Brussel (perfecte Phó) en Roeselare (ideale Irish Coffee) en ook nog Torhout (prachtige pizza) en Gent (machtige Mezze).
Het was heerlijk om zoveel mensen terug te zien en alles was zo vertrouwd alsof er nooit x jaren tussen hadden gezeten.

Maar na een dag of tien in België was het ook weer tijd om te vertrekken.
Dus zeulde ik de drie zware koffers naar het station van Torhout en kachelde in twee en een half uur naar Zaventem.
Alles verliep vlot en ik was klaar om naar mijn nieuwe huis te vliegen.

Tot ik een mannetje aan de incheckbalie vond die alle i's met een puntje wilde en alle t's met een net streepje.
Ik had mijn transitvisa aangevraagd maar blijkbaar nooit betaald. Ik wist nochtans zeker dat ik de bankkaart ingegeven had; dat er genoeg geld op die kaart stond ($23 is niet het eind van de wereld) en dat ik het scherm niet verlaten had zolang de betaling niet voltooid was.
En toch, toch was er ergens iets fout gegaan en was het document dat ik trots toonde geen transitvisa maar een samenvatting van wat ik in het systeem had ingegeven; inclusief naam van vader en moeder plus hun telefoonnummer.

"Als ik jou was", zei het heerschap, "zou ik die hele handel opnieuw opstarten. Misschien krijg je dat visa nog op tijd."
Zwetend van de stress zocht ik nodeloze informatie op in de diepste krochten van mijn laptop en verkleinde ik paspoortfoto's tot 300kB terwijl kostbare tijd weg- en de batterij leegliep.
Ik haalde het met een half uur te gaan tot boarding maar een antwoord van de transitvisamensen kwam er niet en dus mocht ik ook het vliegtuig niet op.
Ik herboekte mijn vlucht naar twee dagen later - gratis en bij een meiske met een heerlijk mooi lispeltje - en nam opnieuw de trein om twee en een half uur later uitgedroogd bij mijn zus aan te spoelen alwaar ik de mislukte start van mijn nieuw leven wegspoelde met een paar Rocheforts 8.

Overmorgen beter!!


Update


Mijn vlucht was gratis herboekt tot maandagochtend.

Om 6.30 op maandagochtend kreeg ik het nieuws dat ik mijn transitvisa had. 
De eerste trein was om 7.21 en zou in Zaventem aankomen om 10.00.|
De vlucht was om 11.15; te dichtbij de aankomst per trein om haalbaar te zijn.

Het zit me niet mee...

donderdag 27 oktober 2022

IF YOU CAN MAKE IT THERE (DEEL V)

Dag drie in New York en het anderhalf uur heen en twee uur terug begon een beetje te wegen.
Niet helemaal goed uitgedokterd, Jan!

Ik besliste nog een flinke wandeling te maken voor mijn laatste dag en startte op Times Square.
Niet helemaal zeker waarom het is wat het is want behalve heel veel billboards en een paar zielig verklede idioten (een te dikke spiderman en een gorilla van drie meter), viel er niet zo heel veel te beleven...



Ietsje verder vond ik het Empire State Building. 
102 verdiepingen hoog en gebouwd in de Art Deco-stijl van de jaren twintig en dertig van de vorige eeuw, was het het hoogste gebouw in de wereld tot het World Trade Center werd gebouwd in 1970.
Toen die torens dan weer instorten in 2001, werd het Empire State Building opnieuw nummer één tot 2012. 





Ietsje verder vond ik het Flat Iron building.
Gebouwd in 1902 en toen één van de hoogste gebouwen van New York en een typisch voorbeeld van de 'Chicago School' wat inhield dat er een dragende staalstructuur gebouwd  werd waarna de muren in een neorenaissancestijl afgewerkt werden.

Door de driehoekige vorm van het strijkijzergebouw werden er onbedoeld sterke valwinden gecreeërd en dachten de bewoners dat het gebouw wel eens zou kunnen instorten.
Gelukkig gebeurde dat niet maar een ander neveneffect was dat de rokken van de passerende dames omhoog werden geblazen.
De plaats werd al gauw berucht om zijn gluurders en politie moest ingezet worden om de orde te herstellen.
Male chauvinist pigs zijn duidelijk van alle tijden...






Niet gepland belandde ik aan de Hudson River waar ik Little Island vond.
Het Engelse woord 'whimsical' is volgens mij speciaal uitgevonden om dit leuke plekje te definiëren.













En verder ging het, straatje in en straatje uit tot ik uiteindelijk in SoHo belandde.

En verder ging het, straatje in en straatje uit...


SoHo (ofte South of Houston street) was de wijk waar de rijke aristocratie woonde.
Elegante gevels en kasseitjes gaven het zijn originele uitzicht waardoor het beetje bij beetje evolueerde tot een buurt waar je enkel duur gerief kunt kopen.
Van high end fashion tot de beste schoenen tot chocolade. Belgische chocolade!!




Voor zij die nog een filmpje nodig hebben tijdens de lange winteravonden, Last Night in Soho (2021) vond ik wel de moeite.
Alleen al omwille van Thomasin McKenzie uit Nieuw Zeeland.


Het was tijd om iets te eten dus ik wandelde naar China Town en waande me onmiddellijk in een andere wereld.
De voetpaden waren ingenomen door groenteverkopers, er werd geroepen en gerocheld en het leek alsof het typische Manhattan plotseling niet meer bestond.







Ik at nog een zeer ongeinspireerd bordje dumplings en zette dan mijn weg verder door het aanpalende Little Italy waar de kelners op de terrassen zich een dusdanig Italiaans macho imago hadden aagemeten dat het haast lachwekkend werd.
De vrouwen werden op een overgalante manier overtuigd om het restaurant met hun schoonheid te vereren terwijl de mannen broederlijk werden aangemaand om de wereld te tonen dat ze succesvol waren en geld hadden. Geld dat in hun zaak moest rollen.


Voor de laatste keer zette ik het hele transportsysteem in gang. Ik spendeerde de laatste voormiddag in de rust van mijn hotelkamer en vloog dan in zeven uur naar België vanwaar ik dit allemaal schrijf.
België dat ik trouwens binnen twee dagen verlaat voor een nieuw avontuur.
Daarover later meer...