woensdag 28 juni 2017

EEN STUKKIE RIJDEN (DEEL V)

(Sequoia NP, CA - Dixon, CA - 512 km)

De weg naar beneden en uit het park was al even spectaculair als de klim naar boven en ik bedacht dat dit ooit met de motor moest herhaald worden. (nu enkel nog een motor kopen en zien dat ik nog eens ergens twee weken vakantie zonder gezin kan versieren).

Eens beneden was ik eindelijk in het echte California aangekomen zoals ik het me had voorgesteld.
Zachtglooiende heuvels met druiven, kersen, perziken en abrikozen. 
Melkveebedrijven met grazende koeien.
Het verbaasde me hoezeer ik een groene omgeving gemist had na bijna een jaar in de woestijn van New Mexico.

Aangezien alles in mijn hoofd uit lijstjes en onbelangrijke doelstellingen bestaat, reed ik naar Sacramento want dat is de hoofdstad van de staat California en dat past in mijn plan om niet alleen alle staten maar ook alle hoofdsteden te bezoeken.
Benieuwd hoelang dat voornemen standhoudt...

Ik bezocht Old Town, charmant maar een echte toeristenval en toen ik een koffie dronk, kreeg ik een email van mijn toekomstige werkgever (Jahaa! Maar daarover later meer) dat ik dringend mijn drugtest moest laten afnemen.
De auto in, helemaal naar de andere kant van de stad waar ze me lieten weten dat drugtesten enkel in een ander kantoortje werden gedaan.
Terug de auto in en een uurtje later stond ik opnieuw geparkeerd vlakbij Old Town.

Een drugtest is ook al weer een avontuur op zich...
Ik werd een kamertje binnengeleid waar een metalen box stond. Alles uit de broekzakken moest in het koffertje dat vervolgens op slot ging om te vermijden dat ik iemands anders urine had meegebracht.
Plassen moest ik maar handen wassen en het toilet doorspoelen mocht dan weer niet.
Het handen wassen kon een probleem zijn omdat sommige slimmerds de kraan lieten openstaan om ondertussen tijd te winnen en de meegebrachte urine in het bekertje te gieten.
Doorspoelen mocht dan weer niet zodat je geen bewijsmateriaal kon laten verdwijnen.
Het bekertje moest ook stante pede naar de laborante gebracht worden die de temperatuur controleerde en daarna het ding verzegelde wat ik dan weer moest aftekenen.

Dat alles zo rigoreus moest verlopen, had ongetwijfeld te maken met de Peer van Pollentier want onze landgenoot heeft dat hele creatieve idee tenslotte naar buiten gebracht.

Om alles een beetje te laten bezinken (als je op de Peer van Pollentier hebt geklikt, zal je begrijpen dat het een heel gedoe was geweest voor me om een onschuldige plas af te leveren), besloot ik uit te blazen in de botanical gardens van Sacramento.
Een betonnen pad was het dat door een nauwelijks onderhouden grasveld liep. Er stonden ook bomen, een stuk of tien, allemaal van dezelfde soort en dat was dan dat. 
Tien minuten later stond ik weer buiten en reed ik een stukje door naar Dixon waar de Walmart-manager autoslapers zeer genegen was.
De winkel was ook non stop open en dat maakte het toch wat makkelijker als je plots naar het toilet moest.

Een heerlijk koele nacht was het en om vijf uur stond ik op om naar San Francisco te rijden...


Old town, Sacramento

Slapen in de auto




dinsdag 27 juni 2017

EEN STUKKIE RIJDEN (DEEL IV)

(Barlow, CA - Sequoia NP - 450 km)

Het was zondag maar toch was Jiffy Lube, een garageketen open. Ik kwam vijf minuten voor openingstijd aan en vond drie wachtenden voor me. De Amerikaanse gewoonte om de klant altijd en overal te dienen, kwam vandaag zeer goed van pas.
Na een halfuurtje reed ik alweer - olie en filters vervangen - en stopte ik aan Walmart voor een paar noodzakelijke aankopen na mijn uitgebreide reiservaring van 1 dag.
Ik zou vanaf nu altijd 12 liter water bij me hebben en verder ook wat snacks. Vaseline was een goed idee om handen, voeten en gezicht in te smeren in dit droge klimaat en ook zonne-creme zou van pas komen.

Tegen de middag reed ik Sequoia National Park binnen en via een prachtig kronkelende weg ging het helemaal naar 2,200 meter waar het lekker koel was.
Ik bezocht  de Sherman Tree, de zwaarste boom ter wereld en ik moet zeggen dat ik onder de indruk was.
De kerel is 83 meter hoog, heeft aan de voet een omvang van 11 meter en weegt zomaar eventjes 2 miljoen kilogram.

En verder ging het, de hoogte in.
Alle campings bleken volzet want alle Amerikanen, Chinezen en Nederlanders hadden hetzelfde idee gehad als ik vandaag.
Helemaal afgelegen vond ik toch nog Horse Back aan het eind van een zandwegje. Er was geen sanitair en er werd veelvuldig melding gemaakt van beren maar het leek me toch het proberen waard.

Tegen half vier had ik mijn tent opgezet en toen vroeg ik me af wat er nog te doen viel.
Wegens de brandende zon werd de wandeling ingekort; koken mocht niet vanwege het brandgevaar (niet dat ik iets te koken mee had gebracht) en in de wijde omgeving had ik geen buren.

Ik hield me een paar uur bezig met Spoo Pee Doo van Dimitri Verhulst maar tegen acht uur werd het te koud buiten.
Na een zweterige nacht gisteren, werd het nu bitterkoud en het zomerslaapzakje dat ik had meegebracht, was duidelijk niet opgewassen tegen dergelijke temperaturen.
Om vijf uur was ik gelukkig dat ik de koude tent kon verlaten en terwijl ik de hele tijd over mijn schouders keek, op mijn hoedevoor beren met een ochtendhumeur, brak ik de tent op en ging ik weer rijden....












maandag 26 juni 2017

EEN STUKKIE RIJDEN (DEEL III)

(Phoenix, AZ - Barlow, CA - 640km)

het gezin vertrok dus naar de andere kant van de wereld terwijl ik eindelijk mijn langverhoopte road trip kon beginnen.
Een road trip die na een kwartier vastliep in wegenwerken op een snelweg van Phoenix.
Na 45 lange minuten kon ik eindelijk beginnen rijden naar mijn doel van die dag.

Het hele symbolische idee was om te starten aan de grens met Mexico en dan beetje bij beetje mijn weg naar het noorden te maken maar na een uurtje of drie, stuurde een bordje aan de rand van de weg aan op een ander plan.
Ik kon namelijk via de zuidingang het Joshua Tree National Park in en dat leek me eerlijk gezegd een betere optie dan een hele dag rijden voor een wazige foto van de grens.

Ik sloeg rechtsaf en kwam in een droog en desolaat landschap terecht. Het park heeft zijn naam te danken aan de Mormonen die in de bomen Jozua herkenden die met opgegeven handen tot God bad.
Jozua is dan weer de opvolger van Mozes die de Israelieten over de Jordaan leidde.
Hoewel ik open stond voor een fantasierijke interpretatie. leek het me toch dat die Mormonen niet genoeg water hadden meegenomen op hun wandeling en aan het ijlen waren geslagen.

U2, de Ierse rockgroep had dan weer het park bezocht met iets meer financieel succes dan ikzelf want hun CD The Joshua Tree werd ondertussen meer dan 25 miljoen keer verkocht.


Ik hoopte tenslotte ook nog de Bighorn schapen te zien maar die kerels waren slim genoeg om een schaduwrijk plekje op te zoeken in de verzengende hitte.






Ik reed het park uit aan de noordkant en kwam op een weg terecht die door een apocalyptische regio leidde.
De weg zelf was in slechte staat en de schaarse huizen waren in totaal verval. Als ooit iemand een film wil opnemen over het eind van de wereld, zou dit een perfekte filmlokatie zijn.

De hitte, samen met de vermoeidheid en het desolate landschap deden me al twijfelen aan mijn hele trip op de eerste dag en het werd er niet beter op toen ik eindelijk in een stadje aankwam dat iets groter was dan de negorijen die ik de laatste twee uur had gezien.

Ik zocht en vond de Walmart die binnen drie dagen zou verhuizen naar de nieuwe lokatie aan de andere kant van de parking.
Bedoeling was om hier te slapen (Walmart laat overnachten toe op voorwaarde dat je het niet te gek maakt) maar ik vreesde voor een nacht vol lawaai van de werkmannen die de laatste hand aan het gebouw legden.

Om tien uur viel alles stil en kon ik naar bed op mijn queen size matras die net op de ruimte van de neergeklapte zetels en de koffer paste.
Minpunt was het gebrek aan frisse lucht (raampjes op een kiertje - je wil geen inbraken terwijl je ligt te slapen) en de hitte (31 graden om tien uur 's avonds).
Ik zweette mezelf uit mijn vel en vervloekte het hele avontuur maar tegen een uur of 2 koelde het eindelijk een beetje af.
Om half zes liep de wekker af en een kwartiertje later reed ik alweer....



Hidden Valley waar de Outlaws het gestolen vee onderbrachten

iemand had het idee gehad om zijn stulpje tussen de rotsen te bouwen, net buiten Joshua Tree NP

zaterdag 24 juni 2017

EEN STUKKIE RIJDEN (DEEL II)

Toen kleine Zane alsnog onverwacht Amerikaans staatsburger werd na 15 maand papiermolen, besloot de familie Chen dat een weerzien dringend gewenst was en onmiddellijk werden er tickets naar Taiwan geboekt.
De enige die niet mee mocht wegens nog altijd geen officiele reisdocumenten, was ondergetekende.

Het was al lang geleden dat ik nog eens onderweg was geweest en ik maakte wilde plannen om wat meer staten van de USA aan mijn lijstje toe te voegen.

Aangezien dit Zane's eerste paspoort was, moest het aan 1 van de landsgrenzen opgehaald worden en daarom maakten we een afspraak met de dames en heren immigratiebeambten van een kantoortje in Tucson, Arizona waar het wachten waarschijnlijk zo lang niet zou duren als bij de drukkere grensovergangen.
We laadden alles en iedereen in de auto en in iets minder dan zeven uur reden we de 720 kilometer naar Tucson. We stopten 1 keer om te tanken waarbij ik zelfs de enige was die uit de auto stapte.
De rest bleef gewoon liggen/hamgen/zitten/slapen; ze zijn onderhand gewend aan de afstanden van Amerika.

Arizona is net als New Mexico een woestijnstaat en onderweg zagen we een bord dat aangaf dat het een lekkere 42.7 graden Celsius was.




Op dag twee reden we naar de paspoortmannetjes en waren we getuige van een heel apart toneelstuk dat me ei zo na een hartstilstand bezorgde.
We misten twee documenten volgens hun richtlijnen maar tijdens onze discussie moesten de heren net zo goed toegeven dat a) de documenten niet op de lijst op het internet stonden en b) de lijst op internet als bindend kon beschouwd worden.
Een catch 22 dus want we hadden gehandeld zoals opgedragen maar toch konden we geen paspoort krijgen voor Master Zane.

Of we de dag erop toch maar eens konden terugkomen?
Gelukkig hadden we wat veiligheid ingebouwd en op dag drie spendeerden we drie kwart van de dag in het kantoortje waar onze input op geen enkel moment werd gevraagd maar waar op het eind dan toch het paspoort werd overhandigd.
Daarna verloren we nog drie kwartier toen bleek dat iemand Mimi's papieren meegenomen had naar huis en tenslotte reden we naar Phoenix.

Na een onrustige nacht werd uiteindelijk het gezin naar de luchthaven gebracht en begon ik aan mijn trip die me ik-weet-niet-waar zal brengen...
Daarover later meer.











donderdag 22 juni 2017

EEN STUKKIE RIJDEN (DEEL I)

In 2006 leerde ik Anton kennen op de verschillende rallies door de westafrikaanse woestijn,

We hadden een aangename tijd want Anton was op zijn minst een uitdagende persoonlijkheid.
We overleefden elkaar karakters twee keer een maand in een kleine cabine van een vrachtwagen en behalve die keer dat de chauffeur een sateliettelefoon tegen mijn kop gooide en de twee uur durende vijandige stilte daarna ongedaan maakte door het aanbieden van een zeer gesmaakt sigaartje, waren er geen fysieke aanvallen.
De oorlogen werden eerder uitgevochten middels psychologische marteling.

Op de eerste rally van Belgie naar Benin reed Anton met zijn eigen Mitshubishi als deel van het mecanicien-team.
Na een maand stof vreten, bereikten we de Oceaan en barstte een feest van vier dagen - en vooral nachten - los.
Anton met zijn 60 lentes was te oud voor dit gedoe en broedde op een ander plannetje.

Op de tweede dag van de festiviteiten belde hij zijn dochter en droeg haar op om mama te vertellen dat 'hij wat later thuis zou zijn'.
Dochterlief vroeg of ie over 2 of 3 dagen sprak - ze kende haar papa wel een beetje - en Anton zei: "Nee, eerder een dag of tien".

De man is 'tough as nails', stapte in zijn auto en zette de GPS naar het noorden.
Moederziel alleen reed ie het hele stuk terug door de westafrikaanse savanne, door de uitgestrekte Sahara en door Algerije (waar ie trouwens in 1976 met zijn gezin en een caravan was gepasseerd).

Anton reed tot zonsondergang, at droog brood en dronk water en wanneer het donker werd, zette ie zijn veldbedje op naast de auto en trok zijn pyama aan (lichtblauw, afgeboord met donkerblauw aan de polsen en de enkels - dat heb je dan als je een maand samenleeft met iemand).

Bij het eerste licht ging ie weer een stukkie rijden zoals hij het zelf uitdrukte en toen ie de Middellandse zee bereikte, koos ie voor een oversteek naar Spanje eerder dan naar het zuiden van Frankrijk want 'een stukje van de weg afsnijden' was voor mietjes.

Negen dagen later was Anton weer thuis en ik heb hem altijd bewonderd voor zijn lef.

Hoewel veel minder riskant in The Land of the Free, vond ik het ook tijd om er eens op uit te gaan in mijn eentje.

Een stukkie rijden dus, in de volgende twee weken op deze blog....

zaterdag 17 juni 2017

ALS WIJ 'S ZOMERS GAAN KAMPEREN


Van zo snel het een beetje zonnig weer is, haalt de gemiddelde Amerikaan zijn omvangrijke RV (recreational vehicle) van stal of de tent van onder het stof, laadt ie de hele familie en een zak houtskool in zijn dikke pickup truck en gaat het richting woud, meer of berg.

Wij wilden niet achterblijven en gingen voor 1 nachtje (onze eerste keer en een baby op de achterbank) naar Jemez Falls, anderhalf uur ten noorden van Albuquerque.
Naar het noorden rijden betekent in deze streek ook dat je de bergen ingaat en daar hadden we geen rekening mee gehouden tijdens het pakken.
Ijskoude nachten zijn verraderlijk lang; dat weten we nu...

We kwamen aan op de camping waar we de aanwijzingen volgden om $10 in een envelopje te doen en dat dan achter te laten in een klein postbusje.
Er was geen receptie en niemand om ons wegwijs te maken maar het systeem schijnt te werken.

Elke - zeer ruime - kampeerplek had zijn eigen grill en bank en er was ook een gat-in-de-grond-toilet.

We zetten de tenten op, maakten een kampvuur, iets wat nu nog kan maar binnen een paar weken verboden zal zijn in de droge hitte die eigen is aan New Mexico en verkoolden een hele zak Marshmellows voor we het proces een beetje onder de knie hadden.

Iedereen ging vroeg naar bed want lezen in een tent met een zaklamp is ook al avontuur en de dag erna braken we ons kamp op, gingen de watervallen bezoeken en reden daarna naar de warmwaterbronnen waar we de kinderen opnieuw op temperatuur kregen na de koude nacht.

Vandaar ging het naar Saloon Los Ojos in Jemez Pueblo waar we ongelooflijk slecht aten in een prachtige Wild West omgeving.
Wegens het aantal vuurwapens dat aan de muren hing, besloten we geen negatieve kritiek te geven en reden we naar huis waar we na flink wat schrobben de kinderen terugvonden onder de dikke laag houtskool.

Zeker voor herhaling vatbaar!!
We zetten de tenten op...

Er was geen receptie en niemand om ons wegwijs te maken,,,




...en verkoolden een hele zak Marshmellows voor we het proces een beetje onder de knie hadden....




...en reden daarna naar de warmwaterbronnen waar we de kinderen opnieuw op temperatuur kregen na de koude nacht...

Vandaar gingen het naar Saloon Los Ojos in Jemez Pueblo waar we ongelooflijk slecht aten in een prachtige Wild West omgeving...
(zie ook de zéér blauwe lucht, typisch aan de South West) 


Wegens het aantal vuurwapens dat aan de muren hing, besloten we geen negatieve kritiek te geven...

En voor wie niet gelooft in Bigfoot; wij hebben hem gezien...

woensdag 31 mei 2017

KUNNEN WE HET MAKEN? NOU EN OF.


Iedereen onmiddellijk in vrolijke Bob-De-Bouwer-stemming nu en dat is maar goed ook want wat volgt zou dolkomisch kunnen zijn als het niet zo intriest was.

Ik heb het al een paar keer in mijn vorige posts gehad over vriend Paul en het feit dat hij zo vaak opdraaft, heeft twee redenen.
Vooreerst kennen we hier nog altijd zeer weinig mensen. Iedereen maakt een praatje met iedereen maar daar houdt het dan ook op.
Niks geen bij elkaar over de vloer komen of eens bellen om samen een hapje te gaan eten.
Ontmoetingen zijn altijd uiterst vriendelijk maar tegelijk zeer oppervlakkig en kort.

Bij Paul lag dat anders want toen we aankwamen in Albuquerque werd Zane ziek op de dag dat we onze week AirBnB erop zitten hadden en dus belde Mimi uit radeloosheid naar de vrouw van Paul, een vriendin van 20 jaar terug.
Ik moet het hen nageven, twee weken logeetjes in je huis met drie kinderen waaronder 1 huileplankje (een -balkje was ie toen nog niet) en een mama en papa die eigenlijk ook niet goed wisten waar het allemaal heen moest.
De familie Bower verdroeg het allemaal met sprekend gemak en ik zal ze daar altijd dankbaar voor blijven, ook al zijn er niet veel mensen in de wereld waarmee ik zoveel van mening verschil als de Heer des Huizes.

De Heer passeerde hierboven de revue en daar zullen we het verder over hebben.
Vriend P is namelijk een creatonist en dan nog eentje van het jonge-aarde-type.
Die jolige bende gelooft dat de aarde minder dan 10,000 jaar geleden geschapen werd door de Almachtige.
We hebben het er ondertussen al avonden aan een stuk over gehad en ook al staan onze meningen lijnrecht tegenover elkaar (net zoals bij homofilie, immigrantenproblemen, de huidige president, de klimaatverandering en waarschijnlijk zelfs de moord op Julius Caesar), toch werken we elkaar niet zo hard op de zenuwen dat er ruzie van komt.
Een paar jaar geleden heb ik 1 van mijn vervelende karaktertrekken achter me gelaten en nu moet ik mijn tegenstrever niet zo nodig meer van mijn allesovertreffende gelijk overtuigen.
Ik laat Paul, probeer te argumenteren maar op het eind van het verhaal mag ie best geloven dat God zelfs de dinosaurusfossielen heeft zitten boetseren op zijn vrije dinsdagavond.

Paul aan de andere kant krijgt wellicht extra rijstpap als ie een nieuw lid kan aanbrengen en hij blijft met zachte dwang aandringen dat die duivelse Darwin waarschijnlijk tropenkolder heeft opgelopen bij zijn bezoek aan de Galapagoseilanden.

Goed, lang verhaal kort, ik ben dus bevriend met een rare snuiter maar de helft van wie dit leest kan nu over zichzelf waarschijnlijk hetzelfde zeggen. (Ja, ik heb het over jou).

Dus wilde ik wel eens nagaan hoe het gesteld was met de denkwijze van de gemiddelde Amerikaan.
Na wat dieper zoekwerk aangezien er verschillende denkpatronen bestaan van zij die in de Schepping geloven, kwam ik tot de onthutsende vaststelling dat 40% van mijn buren nog altijd geloofd dat die Grijze Baard op zijn Wolk in zeven dagen Zijn hele Legoset heeft opgebouwd.

Meer en meer kom ik tot de conclusie dat ik leef tussen mensen die tegen elke logica blijven geloven in wat moeilijk te verdedigen is.
En nu gaat de president ook nog de subsidies voor de wetenschap sterk terugschroeven.

Ik vraag me af of Darwin nog een plaatsje vrij heeft op de H.M.S. Beagle.
De Galapagos zijn zo ver nog niet...



zondag 28 mei 2017

DE SLANGENKUIL

Het is eventjes stil geweest en dat heeft alles te maken met deze hoogbejaarde laptop die toch nog de tegenwoordigheid van geest had om drie verschillende computernerds in hun winkels voor schut te zetten.
Tot de laatste puisterige jongeman toch de code kraakte en het onding weer op de juiste koers zette.


Terug naar de orde van de dag, Ummmerica...

Ik heb het al aangehaald maar de lokale bevolking is hier heel voorzichtig en vriendelijk met elkaar.
Je hoort twintig keer 'sorry' in de supermarkt wanneer iemand naast je passeert met zijn winkelkarretje terwijl er nog plaats zat is om een maneuver uit te voeren met een 18-wieler.

Ook bij het oversteken zal een auto eerder op honderd meter van je stoppen dan dat hij je van je sokken probeert te rijden zoals in Europa gebruikelijk is.

We gaan met zijn allen heel voorzichtig met elkaar om want voor je het weet heb je een proces aan je been en krijgt de tegenpartij 50 miljoen dollar omdat je dat mens even aangetikt hebt met de elleboog in de afdeling Droge Voeding.

Een uizondering daarop is onze plaatselijke speeltuin.
Kindjes kunnen ongestoord uit de klimrekken vallen op het houtschaafsel en daar is niks mis mee.
Het wordt alleen meer verradelijk als je ziet welk ander gevaar er op de loer ligt...





Ik kijk de kinderen regelmatig na en vooralsnog hebben ze geen gaatjes.

zondag 30 april 2017

VREETGEWOONTEN

Styrofoam and plastic fork,
Fluffy bun with yummy pork.
Dr. Pepper free refill,
Heart attack and early kill.

Tons of trash with every meal,
Pizza's size of giant wheel.
Coke and Sprite enormous slurp,
Hickup, barf and bloated burp.

No recycling, just throw away
Enormous steak that makes you sway.
Add one dollar and then supersize,
Clothed veins and pressure rise.

Environment? There's plenty space.
Famine? Part of human race.
Diabetes? That's bad luck.
Early dead? Fuck, fuck, fuck


(Eigen werk alvorens ik bezwijk aan dichtslibbende aders en hersenverweking)

woensdag 19 april 2017

BUFFALO SOLDIER


We kennen het nummer allemaal, geschreven en gebracht door een man die ons veel te vroeg heeft verlaten maar waar gaat dit nu allemaal over?


We gaan terug naar de tijd waar de Afro-Amerikanen in het noorden vrij waren maar geen toekomst konden opbouwen en het zuiden waar de slavernij net was afgeschaft.
De zwarten in het noorden hadden misschien wel wat basis opvoeding genoten maar hadden er geen idee van hoe de Native Americans behandeld werden.
Er was een algemene concensus dat die roodhuiden wilden waren die niet gecorrigeerd konden worden dus veel nuances waren niet voorhanden.
De zwarten in het zuiden waren al lang blij dat ze geen slaven meer waren, hoewel dat voor velen nog meer op papier het geval was dan in de realtiteit.

Op dat moment in de geschiedenis, zoals bijna iedere keer gebeurt, kwamen twee evoluties die gelijk liepen maar zeer verschillend waren elkaar tegen.
Enerzijds was er de honger naar meer kanonnenvlees om de blanke kolonisten te vrijwaren van de aanvallen van de Indianen.
Anderzijds waren ook de Afro-Amerikanen op dat moment vragende partij voor een jobje want de doorsnee blanke Amerikaan wilde geen zwarten op zijn erf en was daarnaast toch een beetje ongerust door de plotse instroom - vooral in het zuiden - van goedkope werkkrachten. (waar hebben we dat nog gehoord maar dan in deze tijden?)

Dus werden in 1866 de wetten goedgekeurd om het negende en tiende cavalerie-regiment op te richten dat enkel zou bestaan uit soldaten met een afrikaanse achtergrond. Daarna werden ook nog vier infanterietroepen opgestart en de weerstand tegen het hele plannetje was zo groot dat sommige blanke officieren liever degradeerden dan een zwart regiment te leiden.

De Buffalo Soldiers werden door de Native Americans gezien als de menselijke incarnatie van de bizon. Het kroezige haar deed ze denken aan het dier en volgens de overlevering vochten ze ook even medogenloos.
Het werd een naam die met trots gedragen werd door elk lid van de regimenten.

De Buffalo Soldiers werden vooral ingezet in het zuiden en trokken mee westwaarts met de kolonisten die op zoek waren naar nieuwe plaatsen om neer te strijken.
In totaal werden bijna 200,000 Afro-Amerikanen ingelijfd en ze stabilizeerden de hele South-West tot op het eind van de negentiende eeuw toen er een meer stabiele vrede met de Native Americans werd bekomen en de soldaten geen rol van betekenis meer speelden....

Bob Marley vertelt hiermee het verhaal van de man die het land dat hem onderdrukt, eigenlijk mee heeft helpen opbouwen en veilig maken.
Heel herkenbaar allemaal want eenvoudig te transplanteren naar zoveel plaatsen op zoveel verschillende momenten in het verleden en zelfs nog in het heden...