maandag 19 oktober 2015

EEN VOORNAME BEZIGHEID

Jongen: "wat heb je een mooie naam."
Meisje: "Dank je, ik heb hem gekregen voor mijn verjaardag."


Als ouder ga je natuurlijk niet lichtzinnig om met het geven van een naam aan de kleine spruit.
Je maakt er ruzie over, koopt er boekskes voor en je schuimt het internet af.

Een naam moet een betekenis hebben, moet origineel zijn maar mag tegelijk niet voor verwarring zorgen en verder mag ie niet het mikpunt van spot kunnen worden.

Om toekomstige ouders een handje toe te steken, geef ik hierbij graag mijn visie over hoe een naam ook het toekomstige karakter van je zoon kan bepalen. (karakters van dochters zijn ietwat wankeler).

Of je dan wel of niet verder wil gaan met je initiele keuze, is geheel aan jou....

LUCAS, LIAM, VINCE
Deze ouders willen - dankzij de internationale uitstraling van de naam - dat hun zoon een wereldburger wordt.
Lucassen, Liams en Vinces krijgen fusion-fruitpap (geplette koeken met baobabpoeder, mango en pijnboompitten) als peuters en worden blootgesteld aan wereldmuziek.
Als student gaan ze op uitwisselingsproject naar Brazilie of de Kaapverdische eilanden.
Deze types worden smoorverliefd op een lokale schone tijdens hun stage op een vaag eiland en zijn de oorzaak dat onze bevolking binnen 50 jaar enkel nog uit koperhuidige mensen bestaat.

Een Lucas is iets meer gestyleerd dan zijn collega's, durft merkleding te dragen met de sweater vlot over de rug en zal tijdens zijn verblijf in het buitenland een vlotte lokale jeep kopen en er genadeloos mee in een gracht belanden omdat de remmen niet bijgeleverd waren.

Een Liam daarentegen is meer business minded en stampt eigenhandig een fabriek uit de grond in een ander werelddeel. Hij zal er niet voor terugdeinzen om het personeel flink onder de knoet te houden om zo stinkend rijk te worden.

Vince tenslotte is de vlotste van de drie; dat zie je al aan zijn naam. Hij draagt een spiegelbril, veel gel in zijn haar en speelt gitaar aan het kampvuur als versiertechniek.
Een Vince is leuk in de omgeving maar eigenlijk een nietsnut zonder veel inhoud.

ARTHUR, LOUIS EN STAN

Bij deze namen denk ik spontaan terug aan mijn jeugd waar kwijlende, tandeloze mannetjes niet-begrijpend in de verte staarden.
Dat is nu nog zo maar ze zijn wel tachtig jaar jonger...

Deze ouders hebben hun voeten stevig verankerd in de Vlaamse klei maar willen tegelijk wel modern overkomen, vandaar de herlancering van namen die eens enkel voor bejaarden waren weggelegd.
Arthurs, Louissen en Stans zullen opgroeien in een verbouwde fermette met drie geiten in de achtertuin omdat hun mama (Jasmijn of Reinhilde) ooit eens fetakaas wilde maken.

De lotgenoten zullen moderne kleren dragen met een vintage look waarbij zeker een grote, ietwat schuin gepositioneerde pet niet mag ontbreken.
Lid van de jeugdbeweging en de muziekschool, zullen ze hun leven onder de kerktoren slijten en bittere tranen plengen eens ze naar de universiteitstad moeten verhuizen.
Geen hoogvliegers op academisch gebied en niet avontuurlijk aangelegd, zullen ze een kortlopende richting kiezen waardoor ze snel terug kunnen naar hun heimat om te trouwen met hun jeugdliefde Marthe en drie gezond blozende jongens op de wereld te zetten.

Een Arthur heeft neiging tot zwaarlijvigheid en hoogdravend gezwets.

Louis daarentegen is speelser en een goed sportman. Speelt voetbal bij de amateurs tot voorbij de dertig en blijft ondervoorzitter van de voetbalclub nadien.
Heeft de slechte gewoonte de barvrouw van de kantiene op de billen te kletsen en daar zelf heel hard mee te lachen.

Stan is de stoerste van het drietal en wordt drummer in een rockband (samen met Kobe en Seppe).
Breed en gespierd maar zonder gevoel voor humor.
Aanleg tot nierstenen en hoge bloeddruk.


FINN, MATHIS EN NOAH

De future stars van The Voice, Topmodel of Masterchef.
Door hun naam zijn ze voorbestemd om blitz te zijn en hard te werken aan een carriere in de spotlights.

De ouders van deze jongens rijden met een hybride sportwagen en hebben hun huis zo volgestouwd met domotica dat de badkraan begint te lopen als je per ongeluk een scheet laat in bed.

Finns, Mathissen en Noahs gaan eerst naar de Steinerschool, worden thuis vrij opgevoed (behalve die keer dat Mathis de toiletmuren wilde herschilderen met Nutella) en gaan daarna bij de turnclub, op dansles en nadien naar de Showbizzschool.
Ze zullen uitgroeien tot arrogante jongemensen met een stuitende valse bescheidenheid en zullen elkaar met plezier een oog uitkrabben om een concurrent uit te schakelen.
Zullen een kortlopende carriere hebben als achtergronddanser bij een middelgrote R&B groep en op hun 28ste uit de tour gezet worden, stijf van de arthritis en de coke.

Een Finn zal uiteindelijk terug op zijn pootjes vallen en heeft een grote kans om een winkel met duurzaam houten speelgoed te openen.
Zal nooit nog verwijzen naar zijn gouden tijden.

Een Mathis is bisexueel en probeert zijn exuberante levensstijl voort te zetten na zijn ontslag.
Kan over niets anders praten dan zijn vroeger succes.
Wordt meermaals in lamentabele toestand aangetroffen in discotheken waar hij drankjes probeert af te bietsen. Komt schrijnend aan zijn einde in de goot, figuurlijk of letterlijk.

Een Noah heeft zijn schaapjes al op het droge vooraleer het afscheid komt en stapt nooit helemaal uit de business.
Leidt naieve jongens en meisjes op en gaat zelf met het leeuwendeel van de opbrengst lopen.
Wordt helemaal clean (enkel Pelligrino water en noten) maar belandt toch in een rolstoel door het vroegere misbruik.
Werkt zijn bitterheid hierom uit met "in mijn tijd was het anders"-uitspraken tegen zijn studentjes.
Zal nooit trouwen.



De auteur neemt geen verantwoordelijkheid ingeval 1 of meerdere van de voornoemde karaktertrekken en levenslopen niet stroken met de toekomst.









woensdag 30 september 2015

BESCHERMD DOOR DE GODEN

De ingesteldheid ten opzichte van leven en dood in landen zoals Tanzania en Vietnam verschilt toch wel een ietsie pietsie van hoe wij de zaken zien.

Er wordt verteld dat - in beide culturen - er een vastgesteld moment is waarop het tijd is om je aardse bestaan om te ruilen voor een koppel vleugels op je rug en een lang wit kleedske.
In het beste geval komt daar ook nog rijstepap en gouden lepeltjes bij als bonus.

Gevolg van deze denkwijze is dat je je ten alle tijde als een totale idioot in het verkeer mag storten want - als vandaag je dag is om te sterven - dan gebeurt dat hoe dan ook.
Hoe traag en voorzichtig je ook bent, Magere Hein zal je pad kruisen.
Is vandaag dan weer niet in de Goddelijke Almanak ingeschreven dan kan je lekker wat stunts in datzelfde verkeer uithalen; er overkomt je toch niks.

Een heel mooi Kiswahili spreekwoord maakt het helemaal duidelijk.
"Siku ya kufa ya nyani, miti yote huteleza".
"Op de dag dat de baviaan sterft, zijn alle bomen glibberig..".
Gelijk waar onze aap beslist in te kruipen, eruit totteren zal ie. En dan ook nog zijn nek breken.

Vanuit die zienswijze beslisten drie mannen met veel zelfvertrouwen een beetje op het dak van de pagoda in aanbouw te gaan zitten.
Het enorme complex wordt vlak naast onze appartementsblok gebouwd en we zaten dus op de eerste rij.

Geen veiligheidsgordels, geen verankeringsmateriaal.
Allemaal niet nodig!





donderdag 17 september 2015

EN TOEN...

regende het een beetje in Sai Gon.
Oude wijven






maandag 14 september 2015

DE NIEUWE BRUCE LEE IS OPGESTAAN

Enkel de hardste training kan de jeugd prepareren voor de bittere toekomst die hen wacht.
Hieronder Enzi die ondertussen al bijna Bruce Lee inhaalt...





dinsdag 8 september 2015

THE BONKIGE BROMPOT-BROMMER BROTHERS (DEEL V)

Onze tijd in Da Lat zat erop en we verlieten de Central Highlands voor de iets lager gelegen Zuid-Chinese Zee (die dus waarschijnlijk op zeeniveau ligt).
Een prachtige weg met heerlijke haarspeldbochten, een colletje van 2,000 meter hoogte over; het was heerlijk naar beneden te razen ook al was het op twee simpele scootertjes.

We waanden ons Vettel en Raikkonen en toen we beneden bekwamen van de adrenaline shot, bedacht ik dat we toch wel een risico genomen hadden met die kleine bandjes.
Ik verbrandde mijn vingers zowel aan de rubberen band als aan de metalen velg en de remschijf en besefte dan pas goed dat we net zo goed een klapband konden gehad hebben tijdens onze spectaculaire afdaling.
We besloten verder te rijden en vijf minuten later knalde mijn ventiel van de velg door de hitte.
Al goed dat dat op een vlak stuk gebeurde.

We gingen in de gietende regen op zoek naar een garage, dronken een cola bij de buren tijdens de reparatie en zetten onze tocht verder richting Nha Trang, het Blankenberge van de Vietnamese kustlijn.
Harald leidde het kleinste konvooi in 1 vlotte beweging tot aan het hotel - een fotografisch geheugen heeft wel wat - en we kregen een upgrade terwijl we al een belachelijk lage prijs betaalden voor dit viersterren hotel.
Aan het zwembad op het dakterras maakten we kennis met een Vlaams koppel dat naar Korea verhuisd was en verder bleek dat een 33cl pils zomaar eventjes 70 eurocent kostte. Hier zouden we wel een week of drie kunnen kamperen...







donderdag 3 september 2015

THE BONKIGE BROMPOT-BROMMER BROTHERS (DEEL IV)

De ochtend erop had ik een afspraak met Dr. Paul Olivier, een Amerikaan die sinds acht jaar in Vietnam woonde en bezig was met zijn levenswerk "een unconventional way of raising pigs" waarbij op een andere manier naar duurzaamheid en afval werd gekeken.
Gezien mijn eerder pessimistische idee over een leefbare toekomst, was dit de man die ik wilde ontmoeten.

Bij het inleidend gesprek bleek tot onze grote verbazing dat Paul een flink stuk van zijn leven in "Anzaeme" (Handzame) net naast Torhout had gewoond. Hij sprak het netjes met het juiste dialect en op de typisch lijzige manier uit.
Bleek dus dat we twintig jaar eerder al buren waren geweest.

Ondanks zijn 68 jaar gaf Paul me een uiteenzetting van vier uur hoe kleinschalige landbouw kon benaderd worden zodat het winstgevend werd door meer opbrengsten en tegelijk kostenbesparend zou werken aangezien er veel minder meststoffen en diervoeding moest gekocht worden.
Ik hing aan zijn lippen gedurende het hele verhaal en maakte zo veel mogelijk notities.

We gingen een pizza eten en ontmoetten er ook mijn reisgenoot Harald die de ochtend doorgebracht had bij een dame die sla produceerde met de hydroponics techniek.
In de namiddag bezochten we telers van paprika's, tomaten en komkommers die samenwerkten met Rijkzwaan, het bedrijf waar Harald voor werkt in Tanzania.
Da Lat is ongeveer volgebouwd met serres gedurende de laatste twintig jaar en het was mooi te zien hoe professioneel hier gewerkt werd.
Afrika had nog veel te leren...

We belden Andy voor een drankje maar onze eenzame fietser was die ochtend om vier uur op zijn fiets gestapt en was ondertussen alweer 200 km verder. De man trapt duidelijk door.

We bezochten een cocktailbar ($2 voor 1 drankje, gevaarlijk!!) en belanden daarna in de ietwat obscure kelder van een hotel waar de westerse eigenaar met zijn bandje loos ging op rockmuziek uit lang vervlogen tijden.

Uiteindelijk reden we - flink beneveld - terug naar ons guesthouse waar de Duitse eigenaar ons opwachtte alvorens hij naar bed kon.
Hij had ons om 10 uur verwacht en we waren een kwartiertje later wat aan Harald de opmerking ontlokte dat "papa boos was".
Giechelend als twee schooljongetjes gooide ik er nog "Sperrstunde" bovenop en huilend van de dolle pret stommelden we de trap op terwijl onze gastheer ons met onbewogen blik nakeek.
"Niet moeilijk dat we ze binnen de vier dagen onder de voet liepen," dacht ie vast.

dinsdag 18 augustus 2015

THE BONKIGE BROMPOT-BROMMER BROTHERS (DEEL III)

We hadden een rit van 196 km voor de boeg - wat flink wat is op een 150cc scootertje - en vertrokken onmiddellijk na het ontbijt.

Ons doel voor die dag was Da Lat, een landbouwdoprje met 200,000 inwoners op 1,500 meter hoogte.

In Sai Gon had ik opgemerkt dat scooterrijders onmiddellijk stoppen bij het eerste spatje regen om hun regencape aan te trekken.
Toen we door het platteland van Vietnam reden en het niemand scheen te deren dat het wat begon te druppelen, begreep ik vol bewondering dat de rurale bevolking het weer zo goed kon aflezen dat ze perfect wisten wanneer je een regenjas nodig had en wanneer het een miniem buitje betrof.
Het was mooi om inzicht te krijgen in hun wijsheid en om hun voorbeeld te volgen, zo besloot ik.
Drie minuten later waren we zeiknat...

Uiteindelijk stopten we dan toch maar om een koffie te drinken - je zag nauwelijks nog een paar meter ver - en toen we eindelijk neerzaten en aan onze koffie begonnen, stopte de regen en kwam de zon opnieuw piepen.

De brommertjes hadden het zwaar met de voortdurende klim maar het uitzicht was fenomenaal. Via haarspeldbochten en op wegen net naast een diep ravijn naderden we Da Lat.
Met drie kwart van de afstand achter de kiezen begon het plots opnieuw te regenen. Een spekgladde weg die gedeeld moest worden met trucks, bussen, auto's en andere gekken op scooters was niet bepaald mijn favoriete tijdverdrijf maar we overleefden de aanslag op ons leven en konden een halfuurtje later alweer onze regencapes opbergen.

Na wat gis- en miswerk - opgeslagen kaarten op een I-pad en een live GPS-verbinding op een smartphone, hoe vonden we de weg vroeger toch? - kwamen we terecht bij Mai Dung en Duitse Axel die het charmante Zen Cafe uitbaatten.
Ondanks onze aanvraag voor twee enkele bedden bleken we een queensize in de kamer te hebben wat mijn zeer traditioneel ingestelde reisgezel noopte tot een vrijwillige verhuis naar de sofa.
Mij niet gelaten: lekker veel plaats in een heel comfortabel bed!

's Ochtends had ik ook nog Andy gebeld, onze vriend en medebewoner uit het Imperia-appartementsblok in Sai Gon.
Andy is 54 en heeft de gewoonte om in de hele vroege ochtend op de fiets te stappen en zijn benen te martelen tot ie zo ongeveer omvalt. De tweede hobby van mijn uiterst sympatieke onderbuur is dan weer het verzetten van ongelooflijke hoeveelheden bier nadat ie van zijn tripje is bekomen om de dag erop gewoon weer te gaan fietsen.
Andy zat 200 km van Da Lat af en die zouden we dus niet zien, zo werd me 's ochtends gemeld.
Hoe hij het klaargespeeld heeft, daar ben ik nog niet achter maar in de late middag kregen we telefoon of we soms zin hadden in een biertje met de eenzame fietser.

We reden de stad in, vonden een oninspirerend terrasje waar de muziek veel te luid stond en hadden een fijne tijd met onze vriend...



maandag 17 augustus 2015

TYPHOON OP TAIWAN

Voor €100 per persoon de schoonfamilie in Taiwan bezoeken, je kan het niet laten liggen.
Helaas moet je er dan ook bijnemen dat je als vee behandeld zal worden, dat je de hele vlucht van drie en een half uur met je knieen tegen je oren doorbrengt en dat de terugvlucht werd aangepast van 'lekker comfortabel in de namiddag' tot 'een onchristelijk vroeg uur in de ochtend'.

Ach we overleefden het transport, kinderen leefden als koningen onder de niet aflatende aandacht van de grootouders en ik werd zoals altijd op regelmatige tijdstippen mee uit genomen voor alweer een culinaire verrassing.





Toen bleek dat opa en oma onverwacht gasten hadden tijdens het weekend, vonden ze er niet beter op dan ons de bergen in te sturen naar het pitoreske dorpje Wulai met zijn warmwaterbronnen en zijn bevolking van aboriginees, de originele bewoners van Taiwan; mannen en vrouwen met tatouages die nog met pijl en boog op wilde varkens jagen en die op zondag graag eens een dikke blanke in de kookpot stoppen, zo stelde ik me voor.

We hadden een leuke tijd in een streek die er heel ruw en tegelijk paradijselijk uitzag maar helaas veranderde die perceptie in de volgende dagen.

Op maandag werd - alweer - een typhoon aangekondigd. Verder in de week werd al gesproken over een "monster typhoon" en tegen vrijdag wisten we dat het fenomeen netjes over de hele noord-zuid-as van het eiland zou passeren.
We zaten 48 uur opgesloten binnen (we gingen 1 keertje naar het dak bovenop het appartementblokje en werden er zo ongeveer afgeblazen) en volgden op het nieuws - als er elektriciteit was tenminste - wat die razende storm allemaal aan het aanrichten was.

Taipei zelf verloor 3,000 bomen en liep flinke schade op maar Wulai in de bergen was zo ongeveer van de kaart geblazen en gespoeld.

Hieronder wat beelden over een fenomeen dat door ons niet gekend is maar wel een paar keer per jaar het eiland Taiwan geselt...
(let vooral op de eerste seconden van het tweede filmpje. Een doorsnee scooter wordt vlotjes een paar meter de lucht ingeblazen)

beneden aan het appartement





maandag 27 juli 2015

THE BONKIGE BROMPOT-BROMMER BROTHERS (DEEL II)

Om ons fysiek voor te bereiden op onze zware uitdaging, gingen we nog een paar baantjes trekken in het zwembad maar om tien uur hadden we niet veel meer woorden nodig om te vertrekken.
We namen afscheid van het gezinnetje dat dezelfde dag naar Taiwan vloog en we zadelden onze paarden. (enfin, we zetten ons koffertje tussen onze benen op het voetenplankje van de scootertjes maar dat bekt niet zo lekker).

Ik had er niet bij stilgestaan dat Harald nog nooit op zo'n onding had gereden en zoemde de ondergrondse parking uit.
In mijn spiegel zag ik mijn reisgezel volgen en ik wist dat ie de kneepjes van het vak wel zou uitvogelen tijdens het rijden.

Onze eerste halte was Ta Lai Longhouse net buiten Cat Tien National Park, een ritje van 150 km.
We slaagden erin om te verdwalen; een rondje van waarschijnlijk 50 kilometer te maken en uiteindelijk netjes terug op onze originele weg uit te komen (anders had niemand ooit nog iets van ons gehoord) en we reden dus uiteindelijk de - ondertussen - 200 km in iets van een vijf uur.

Op vier niet zo heel sociale Tjechische dames na was de Longhouse verlaten en we kozen de zetels op de veranda uit voor een biertje.
Het koelde snel af en er was wat wind; een voorbode van een storm die in deze periode van het jaar wel meer voorkomen.
Tien minuten later zaten we midden in een zelden geziene plensbui met als orgelpunt een boom die heel traagjes en heel galant slagzij maakte nadat ie ontworteld werd door de rukwinden.

De volgende ochtend kregen we twee te kleine mountainbikes onder de kont en fietsten we naar de hoofdkwartieren van het National Park.
Een mooi ritje was het maar als je twintig jaar niet meer gefietst hebt, krijg je algauw zadelpijn van je schouders tot je tenen.
Onderweg zagen we onder de noemer wilde dieren 1 pauw en in de rubriek natuurverschijnselen een perfecte halo rond de zon.
We aten in een oninspirerend restaurant behalve dat we, het was bijna een horrorfilm, in slow motion aangevallen werden door bloedzuigertjes die traag in onze richting tuimelden (een beetje zoals een Slinky de trap afkwam in de jaren '80), aangetrokken als ze waren door onze lichaamswarmte.

Harald had het niet meer en met een robuuste stoel ging ie de 2 cm lange creatuurtjes te lijf.
Het meisje achter de bar bekeek de actie met grote interesse...

We moesten ook nog een grote boom bezoeken (groot inderdaad, En hoog) en langs de rapids passeren (te ver. Opgegeven) en toen ging het terug naar Ta Lai Longhouse.
Te lam om het hele stuk te fietsen, wandelden we grote stukken en bij aankomst liet Harald me beloven dat we dit nooit meer zouden doen.
Iets waar ik absoluut geen moeite mee had...





Stefan Everts en ZZ Top samen op reis....

Rechts op de foto: back to the 70's (met Martin Sheen in Apocalypse Now)


Ta Lai Longhouse

Een perfecte halo rond de zon

Een grote boom inderdaad

zaterdag 25 juli 2015

THE BONKIGE BROMPOT-BROMMER BROTHERS (DEEL I)


Op 1 uitzondering na (in het Frans de 'herborene' genoemd), heb ik nog geen Vlaming ontmoet in dit laatste jaar in Vietnam die het leven net als ik niet de hele tijd door een roze bril wil bekijken.

Op geregelde tijdstippen een beetje stoom aflaten over de stupiditeit van het leven in het algemeen en de Homo Sapiens(?) in het bijzonder, is gegarandeerd een zeer vermakelijke bezigheid.
Noem ons grumpy, nors, ontevreden; het kan me niet schelen.
Er is niks mis met een gezonde portie kritiek nu en dan...

Een heel jaar lang heb ik daarin mijn sparringpartner Harald moeten missen maar in juli is ie dan toch op het vliegtuig gestapt voor een bezoekje.
De tussenlanding in Indonesie dacht nog even roet in het eten te gooien maar uiteindelijk kwam mijn companion uit Tanzania dan toch met 24 uur vertraging aan.

We hadden de kinderen bij vriendjes ondergebracht en namen Harald meteen mee voor wat Vietnamese specialiteiten naar het originele Ngon restaurant. Daarna nog een paar biertjes in wat meer Westerse bars en dan naar bed want een rijk gevuld programma wachtte onze bezoeker.

Op dag twee reden we naar de Cu Chi tunnels.
Een enorm netwerk van maar liefst 250 km was gegraven om het de vijand moeilijk te maken. Er waren ondergrondse hospitalen en vergaderzalen maar alles was helaas op mini-mensenmaat gemaakt.
Dat scheelde alvast op het uitgraven.

We liepen langs smalle paadjes achter de gids aan, zagen een wandelend blad (dat stilzat) en ik kon me levendig inbeelden hoe het kwam dat zoveel militairen mentaal geknakt terug in de Verenigde Staten waren geland.
Je bent 19 of 20; je bent nooit uit de prairies of de bergen waar je opgroeide geweest en plots word je zonder noemenswaardige opleiding in een hete en vochtige jungle gedropt. De tegenstander kent het land als zijn broekzak en daar loop je dan, met een veel te zware uitrusting, in de wetenschap dat je elk moment overhoop kan geknald worden...

We hielden halt bij een kleine verhoging met een gat in elke richting.
Voor de klantvriendelijkheid was de omgeving rond het heuveltje vrijgemaakt maar je kon je onmiddellijk voorstellen hoe de kogels je plots rond de oren konden fluiten zonder dat je de vijand zelfs maar opgemerkt had.
Onze gids vroeg ons hoe je nu in dat ding kon raken? We zochten tussen de rottende bladeren tot bleek dat de man zelf op het luikje stond.
We daalden af - zelfs ik werd er zonder schoenlepel ingeperst - en worstelden ons door de nauwe gangetjes. 
Het was ongelooflijk hoe hier oorlog gevoerd werd, 40 jaar geleden.

Na nog wat extra rondleidingen en de verplichte doortocht door de souvenirstalletjes - geen opdringerige verkopers en geen exorbitante prijzen - zetten we koers naar de Eeuwige Schietvelden.
Voor een paar dollar kon je vijf kogels kopen en een rondje afvuren met een Kalishnikov, een M10 of een M16.
We voelden ons even de hoofdrolspelers in Apocalypse Now, zeker toen we doel troffen en rode vonken in het rond schoten.

In een bijbelse zondvloed reden we met een slakkegangetje terug naar Sai Gon en we gingen vroeg slapen want ons wacht de heldentocht op zware motoren doorheen onontgonnen Vietnamees terrein...


Stilzittend wandelend blad

                                                                             

Moeder en dochter gaan ondergronds
... en een rondje afvuren met een Kalishnikov, een M10 of een M16.

donderdag 23 juli 2015

RACISME ZONDER SLECHTE BEDOELINGEN IS OOK RACISME (DEEL III)

Begrijp me niet verkeerd, op vele vlakken staan we mijlenver voor en het is logisch dat we deze kennis ook delen met landen die hierin nog achterop hinken.
Of die aanpak altruistisch is of op winst is gebaseerd, doet er niet toe zolang zoveel mogelijk mensen maar kunnen genieten van die bepaalde vooruitgang.

Het is nog altijd schrijnend te zien hoe een ziekte waar je in Belgie niet van op kijkt, toch mensenlevens kan eisen in andere streken.
Ook ons onderwijs heeft een basis van eeuwen en staat ongetwijfeld mijlenver voor op wat ik zie in Tanzania en Vietnam.

Waar het mij om gaat in deze post, zijn onze normen en waarden die we willen gaan uitdragen.
Wie zijn wij dat we er zo zeker van zijn dat onze evolutie daarin de enige juiste is en dat die ook moet toegepast worden in andere streken?
Waarom hebben wij de arrogantie om mensen uit landen die ons met grote stappen inhalen te gaan vertellen hoe het nu allemaal precies moet?

Neem nu het homohuwelijk dat - eindelijk - ook gelegaliseerd is in de Verenigde Staten. Mooi voor landen die er klaar voor zijn maar moet dat dan ook gelijk bij iedereen op hetzelfde moment door de strot geduwd worden?
Oeganda met oude krokodil Museveni aan het roer heeft het er zo niet op begrepen en hopla, daar gaat het vermanende vingertje al in de lucht.
Dat onze ex-militair het niet zo erg nauw neemt met mensenrechten en nu ook homofielen in het vizier neemt, is verwerpelijk.
Dat de Westerse wereld Oeganda het mes op de keel zet en ze Het Licht wil laten zien door te dreigen met stopzetting van ontwikkelingssteun is al even onbegrijpelijk en heel erg paternalistisch.

We praten tenslotte over landen in ontwikkeling.
Gun ze dan ook de tijd om tot nieuw inzichten te komen zonder dat wij een tweede golf missionarissen willen zijn!


woensdag 22 juli 2015

RACISME ZONDER SLECHTE BEDOELINGEN IS OOK RACISME (DEEL II)

Het hele eieren eten als je het over een andere cultuur hebt, is net dat ie vreemd is aan wat je zelf gewend bent.
Veel moeilijker dan dit kan het toch niet zijn?

Daarom dat ik met veel plezier in Tanzania gewoond heb en nu ook in Vietnam ben. Je leert net - door een andere aanpak te zien werken - dat niet alles moet lopen volgens onze Westerse normen.
Een mooi voorbeeld hiervan is het Vietnamese verkeer.
Het is een wespennest, een labyrinth, een gekkenhuis.
Maar belangrijker: het werkt en niemand die zich opjaagt.
Iedereen wurmt zich een beetje langs iedereen heen maar daar komt geen gescheld of geduw aan te pas. Je rijdt iemand klem maar die persoon denkt : "nu stop ik maar straks is hij het."
Veel boeddistischer kan het niet worden, lijkt me.
Naar het schijnt zijn er 17 miljoen scooters in Sai Gon alleen.
Laat die allemaal los op het asfalt volgens ons rigide Europese systeem en de boel staat binnen het eerste half uur hopeloos klem met nog wat vechtpartijen er boven op omdat onze persoonlijke Westerse vrijheid nu eenmaal dicteert dat we meer rechten dan plichten hebben en dat we bijgevolg ook het recht hebben om dat goedschiks kwaadschiks aan onze tegenstrever duidelijk te maken.

Onze bezoeker nu op het Belgische feest had het helemaal nog zo niet bekeken. Ik kon uit zijn verhalen opmaken dat hij trainingen gaf en ook in weeshuizen actief was maar het was duidelijk dat hij de Westerse stempel er hier met onverzettelijkheid zou indrukken.

"Vietnamezen kunnen niet nadenken," hoorde ik hem uitleggen terwijl schuin tegenover hem een Vietnamese vrouw beleefd zat te wezen.
Laat een buitenlander dat zeggen in een restaurant op de Grote Markt van Brussel over ons en het kot is te klein, was al wat ik kon denken...
"En dat is precies waarom wij hier zijn," ging De Leraar verder, hij zag er tenminste geen graten in.
"Als ik uitleg geef over hoe een familie moet samenleven, dan zie je plots een lichtje aangaan," zo ging Zijne Alwetendheid verder.
Ik viel zo ongeveer van mijn stoel.

Als er iets is wat ik leren inzien heb tijdens mijn verblijf in het buitenland, dan is het toch dat het familiale leven hier vele vele stappen hoger ingeschat wordt dan bij ons waar de individuele vrijheid en ontwikkeling op de eerste plaats komt.
Wat de beste manier van leven is, laat ik in het midden maar wie zijn wij om met onze visie hier een beetje te gaan verkondigen hoe het zo allemaal zou moeten lopen?

Het is arrogant, het is betweterig en het zal nog in geen duizend jaar aanvaard worden, zoveel is zeker.

Enfin, morgen verder...





dinsdag 21 juli 2015

RACISME ZONDER SLECHTE BEDOELINGEN IS OOK RACISME

Denk nu niet dat we - zo ver verwijderd van huis - moeten leven zonder onze Belgische specialiteiten.
Belgisch bier en chocolade zijn makkelijk te vinden; we hebben net speculoospasta ontdekt, zij het aan een belachelijk hoge prijs en sinds kort worden er ook Belgische frieten verkocht in Vietnam.

Daarvoor was in het begin van juli een meneer van Lutosa speciaal langsgekomen.
Hij gaf ons een presentatie over de groei en de verwachtingen van het bedrijf en trakteerde ons op echte puntzakken met friet en veel te veel Leffe, Hoegaarden en Stella.
De mayonaise was iemand vergeten helaas maar we genoten...

De andere Jan in Sai Gon - al even kaal

Twee weken later was het alweer van dat maar deze keer zouden we de Nationale Feestdag vieren met mosselen/friet en Belgisch bier.



De meeste koppen ken ik onderhand wel maar nieuw in het gezelschap was een missionaris-achtig type op hippie sandalen.
Een heel vriendelijke opa was het die ongetwijfeld met de beste bedoelingen in Vietnam was momenteel maar de kortzichtigheid waarmee alles van buiten zijn eigen leefwereld gecategoriseerd werd, was beangstigend voor een persoon met een duidelijk academische achtergrond.

Door een (on)gelukkig toeval zat ik aan de tafel naast de zijne vlak tegenover hem en heb ik dus twee uur de kans gehad om expose na verduidelijking te mogen horen van iemand die letterlijk alles afmeet aan de perfecte Vlaamse wereld die we allemaal zo goed kennen.

Daarna heb ik vrijwillig de handdoek in de ring gegooid.
Het feest was nog in volle gang en enige baldadigheid liet zich voelen onder de Belgische expats maar het gratis Belgische bier fluisterde me balorig in dat ik de - ongetwijfeld goedbedoelende - man van antwoord moest dienen.
Een feestje verknallen door gelijk te willen halen, was een beetje jammer dus ik ging in vrijwillige ballingschap terug naar huis.

Wat onze goeie vriend zo allemaal te vertellen had, daar hebben we het morgen over!



woensdag 1 juli 2015

HET HUWELIJK VAN FIRMIN CRETS, DEEL III

Het hoogtepunt van de avond nog vergeten te vermelden. Excuses, vast teveel waterbier en limonade champagne gezien, die avond.

Hierbij onze kickbox master met zijn klasje:


HET HUWELIJK VAN FIRMIN CRETS, DEEL II

Om kwart na zeven werden de lichten gedempt en kwam een violist traag door de zaal gewandeld. Hij ging zitten op het podium en toen was het de beurt aan een gitarist.
Ondertussen was een jongedame bezig met het vullen van een champagnefontein met gekleurd water en brachten twee obers een enorme cake van piepschuim binnen.

Iedereen draaide zich om naar de dubbele deuren achterin de zaal en daar kwamen Ken en Kim voorafgegaan door zes meisjes die deel uitmaakten van het huurpakket van de zaal.
Ik werd enigszins verdrietig toen ik zag dat onmiddellijk na het bruidspaar een technieker de schuinaflopende brug waarop het bruidspaar naar het podium schreed, al uit elkaar aan het halen was.
Time is money in deze contreien...

De jonggehuwden kregen een oorkonde, moesten de ouders en schoonouders een glas champagne overhandigen en gingen naarna aan het werk met de namaak-bruidstaart,
Piepschuim snijdt niet zo makkelijk, dat was al snel duidelijk.

Toen moesten ze nog een slok van die knalroze champagne nemen van elkaars glas en werd het feest voor geopend verklaard.
Onmiddellijk stroomde een groep ongeinteresseerde jongelingen binnen - ik herkende de bruidsmeisjes van vijf minuten geleden - en werd de eerste gang van het menu op onze borden gegooid.
Er was geen tijd te verliezen.
Als je iets wilde eten, moesten je schransen want daar was de tweede schotel al.

Ondertussen gingen Ken en Kim van tafel naar tafel en overal werd getoost op het paar, Na twee tafelbezoeken was Ken al zo rood als een pioen; ongetwijfeld een combinatie van zijn non-alcoholische gewoontes met het feit dat Aziaten nu eenmaal niet zo goed overweg kunnen met drank.

De jongeman werd een beetje luid en een beetje ruw maar toen ie aan onze tafel kwam, kalmeerde hij onmiddellijk.
Het is de bedoeling, zo vertelde hij ons, dat hij zich zo gedroeg; dan kon ie tenminste algauw stoppen met dat drinken.

In hoog tempo volgden de schotels elkaar op - het westerse gerecht was een rondje kalfsworst op een blad sla - en toen begon iedereen zakjes te vragen om wat van de restjes mee naar huis te nemen.

Om vijf voor negen stonden de eerste gast op en om vijf na negen waren wij de laatsten die buiten wandelden.

Ik wens Kim en Ken hierbij dan ook toe dat hun huwelijk langer duurt dan het feest....

donderdag 25 juni 2015

NEDERLAND VERLIEST ZIJN HELDEN...

Een weekje geleden ging de onovertroffen Drs P van ons heen op 93 jarige leeftijd .
Hij moet het ongetwijfeld in stijl en dichtvorm hebben gedaan want zo was ie wel.

Hierbij - voor mij - zijn beste werkstuk:



Gisteren dan werd afscheid genomen van The Lau na een slepende ziekte.
Ik heb "Blauw", - het mooiste van The Scene - gedraaid tot het grijs zag en onthield vooral dit nummer:


maandag 22 juni 2015

HET HUWELIJK VAN FIRMIN CRETS

Al even nu leef ik op de ijdele hoop dat ik ooit nog eens de eigenaar van een gebeeldhouwd lichaam zal worden.                                                                                                                                                
Een man met snelle vuisten en elegant voetenwerk.

(Cassius Clay zweefde als een vlinder en stak als een bij, zo luiden de gevleugelde woorden maar als ik mezelf bezig zie, kom ik helaas niet verder dan "Jans vuisten maaien als een op hol geslagen grasmachine en hij banjert in het rond alsof ie een heipaal de grond wil in stampen".)

Ken is de man die me nu al eventjes de beginselen van het kickboksen moet bijbrengen en ik ben er zeker van dat hij zichzelf op regelmatige basis in slaap huilt.

Zo ben ik er twee weken geleden in geslaagd om mezelf een hersenschudding te meppen.
Lomp zijn is ook een gave...
Mijn perfect gemikte rechtse hoek schampte af op het bokskussen van moedige Ken; mijn vuist zwaaide met onverminderde kracht verder en ik sloeg mezelf half KO boven mijn rechterwenkbrauw.
Twee weken kloppende hoofdpijn en daarnaast rooie kaken iedere keer ik het verhaal moest vertellen.

Hierbij een ideetje hoe dat allemaal in zijn werk gaat op de training:


Soms krijgt Ken ook een goed gevoel van zijn lessen.
Een jaartje geleden trainde hij een nieuw meiske. 
Kim was haar naam en Kim en Ken werden verliefd,
Vorige week waren alle studenten uitgenodigd op het huwelijksfeest en het moet gezegd; we hebben alweer een onbekende kant van Vietnam leren kennen.

Trouwfeesten worden door de genodigden geevalueerd op het aantal gangen die geserveerd werden tijdens het diner.
Zes schijnt goed te zijn; twaalf de absolute top.
Ken, die zijn helft van het feest zelf moest financieren, was op acht uitgekomen.
Ook mooi!!

We kwamen om kwart voor zeven op een zondag aan bij een modern gebouw en moesten onze uitnodiging tonen. Er waren drie trouwfeesten op hetzelfde moment aan de gang en het was toch de bedoeling dat we in de correcte zaal zouden belanden.
Op de tweede verdieping vonden we Ken, strak in het pak en Kim, flink onder de make up en de valse wimpers.
Aan de lopende band werden de gasten naast het bruidspaar opgesteld en werd een foto genomen van deze compositie.
Dan mocht je een cakeje nemen en werd je naar je tafel geleid....


Heel trots had Ken me verteld dat er tijdens het hele gebeuren free flow bier zou zijn. Dat ging als volgt in zijn werk: iemand gooide een ijsblok in je glas en nam zo 80 percent van het beschikbare volume in.
De rest werd bijgewerkt door een jongeling met twee kannen verschaald bier.
Durfde je een slok van je bier te nemen, dan werd het onmiddellijk weer bijgevuld. 
Tamelijk snel had ik in de gaten dat dit systeem enkel verliezers kende.
Wilde je enigszins de smaak van bier proeven, dan moest je elke vijftien seconden een slok nemen. Dat betekende helaas ook dat er een personeelslid volcontinu naast je stoel stond met die verduivelde kannen.
Dronk je om de twee minuten, dan had je water met een vaag biersmaakje.
Na vijf minuten optie 1 geprobeerd te hebben, negeerde ik optie twee en werd er overgeschakeld op water.

Om kwart na zeven werden de lichten gedimd en kon het feest beginnen.
Laten we het daar morgen over hebben....



maandag 8 juni 2015

THE KING OF FRUITS

Het moest er eens van komen...

Je leeft niet in Verwegistan om elke dag stoofvlees met frieten te eten.
Al helemaal niet als je wederhelft een voorkeur heeft voor rijst en bijvoorbeeld kippenpoten. (en dan bedoel ik wel duidelijk de poten. De klauwen. De voeten. Van de kip. Niet de billen).

We gingen bij onze Singaporese vrienden op bezoek en waar ik al eventjes voor vreesde, werd nu de waarheid.
Bij het binnenkomen, rook ik onmiddellijk de weee, zoet-rottende geur van 'the king of fruits'.
Het is hoogseizoen en overal langs de kant van de weg proberen verkopers je het smerige fruit... euh... aan te smeren.

Laten we eerst even dieper ingaan op wat Durian eigenlijk precies is.

Aan de buitenkant ziet het er een beetje uit als een wilde kastanje op groeihormonen.
Het is een flink stuk fruit dat normaal gezien 1 tot 3 kg kan wegen en dat zeer geliefd is in Zuid Oost Azie.
Het grootste probleem met deze jongens is de geur die door een foodblogger ooit treffend beschreven werd als "een combinatie van zwijnestront, terpentijn en uien, bewaard in een gymsok".
Niet te verwonderen dat het niet toegelaten is om de koning van het fruit mee te brengen in hotels of op het openbaar vervoer.

Terug naar onze vrienden met de Durian.

KT, Aziaat in hart en nieren, werd helemaal lyrisch over hoe lekker dit wel allemaal was en hoe de smaak niet te zoet hoefde te zijn maar ook zeker niet bitter; hij wijdde uit over hoe duur een Durian wel was in Singapore en hoe mensen het aten, simpelweg omdat iemand anders zou ruiken dat ze van het verboden fruit hadden geproefd en hoe rijk ze dus waren.

"Neem gewoon een hap uit een mestvaalt en gorgel met retsina en je stinkt evenveel uit je bek," was al wat ik kon denken terwijl de kwalijke geur de hele keuken beheerste.
KT had ondertussen het fruit uit de koelkast gehaald - de yoghurt en de groenten haalden opgelucht adem - en pulkte nu het plastic van de verpakking.

Het zag eruit als de ietwat onvaste stoelgang van iemand die teveel vanillepudding had gegeten.
De geur was niet te beschrijven omdat ik onderhand zo misselijk was dat ik gewoon weigerde in te ademen...

Uitnodigend werd het schaaltje in mijn richting geschoven.
Ik pulkte wat van het zachte vlees; zag dat er veel te veel meekwam maar er was geen weg terug. Ik zou onze gastheer veel verdriet aandoen, mocht ik nu niet ....getver.... doorbijten.

Ik nam een hap en al bij al was het niet zo erg als het leek.
Integendeel, het was zelfs lekker.
Een combinatie van de textuur van banaan met de smaak van Jackfruit.
Alleen kreeg je nu en dan een walm in je neusgaten waar je maag van keerde.
Ik kon me beheersen en werkte het goedje naar binnen.

12 uur er na - na twee maal tanden poetsen - moest ik boeren.
De mensen in Singapore, een paar honderd kilometer verder - moeten ongetwijfeld geroken hebben hoe rijk ik wel ben.

Bedankt, maar nee bedankt!!

"Het zag eruit als de ietwat onvaste stoelgang van iemand die teveel vanillepudding had gegeten"



"Neem gewoon een hap uit een mestvaalt en gorgel met retsina en je stinkt evenveel uit je bek," was al wat ik kon denken


donderdag 7 mei 2015

SAMSON EN DELILAH


Enzi's haar begon wel flink buiten proportie te groeien en helemaal gezond was het ook niet meer dus op een heel treurige avond - en met veel hartepijn - werd de schaar gezet in de trots van een 6 jarige jongen.
Traantjes achteraf en nervositeit om terug naar school te gaan maar alles viel heel goed mee.

Indachtig het feit dat Samson's krachten afnomen eens zijn weelderige lokken eraf gingen, stuurden we hem dan maar op kickboxles, kleine bokshandschoentjes incluis.
Delilah werd gelijk ook maar ingeschreven...


Enzi - nog met wild kapsel -met goeie vriend Bryan

De kickboxles. Jullie zijn gewaarschuwd!

zaterdag 2 mei 2015

ON THE ROAD AGAIN (Deel VII)

Enigszins schamper besliste ik al op voorhand dat ik nooit een cent zou zien van onze Belgische regering maar de vriendelijke mevrouw op de ambassade besliste hier anders over...

Als antwoord op mijn schrijven, ontving ik een weekje later een mail die, heel notarieel, opsomde wat ik allemaal blijkbaar een beetje anders had begrepen.
De tijd van levering van een nieuw paspoort werd geschat op vijf dagen maar dat was geen garantie.
Verder moesten we allemaal begrijpen dat er altijd wel iets fout kon gaan tijdens het transport en meer van dat fraais dat enkel diende om het uiteindelijke besluit te verantwoorden.

Maar tot mijn algehele verbazing bleek aan het eind van het betoog dat er inderdaad een menselijke fout aan de oorsprong van de vertraging lag en dat ik hiervoor zou vergoed worden.

De week erop ontmoette ik de uiterst vriendelijke Sandra die voor een paar dagen met de fingerprintmachine in Sai Gon was. We hadden een aangename babbel en er lag zowaar een envelopje klaar met de $60 die ik als boete aan immigratie had betaald.

Makkelijk zat om altijd moeilijk te doen over het logge apparaat maar toch maar beter niet uit het oog verliezen dat ook hier gemotiveerde mensen werken met oog voor redelijkheid en rechtvaardigheid...




woensdag 29 april 2015

VLUCHT VOOR DE VLUCHTLEIDER!

Met meer dan acht jaar Afrika in mijn bloed, lijk ik onbewust nog altijd voor donkere gezichten te gaan; zelfs na negen maand in Azie.
Zo kwam het dat we Philip uit Nairobi ontmoetten. Philip woont en werkt in Sai Gon terwijl zijn vrouw en drie kinderen in Nairobi verblijven.
Elke maand vliegt de brave man de halve wereld rond om zijn familie te bezoeken en tijdens de vakanties komen kinderen (en soms zijn vrouw) hierheen.

Nu kan hij ook wel wat makkelijker vliegen dan wij allemaal omdat ie nu eenmaal goedkope tickets krijgt van zijn werkgever, Emirates Airlines.

Vorige week zaten we samen voor een gezellige babbel en hoorden we tot onze grote ontsteltenis hoe 1 van de grootste luchthavens van Afrika gerund werd op het gebied van inkomende en passerende vliegtuigen op het eind van vorige eeuw.
Philip zou zijn ingenieursstudies beginnen toen zijn oom aan kwam draven met een open positie als luchtverkeersleider.
Zijn neefje - 18 toen - dacht dat het wel leuk zou zijn om op de landingsbaan te staan met die twee omelet-paletjes in zijn hand en zo de vliegtuigen naar hun correcte parkeerplekje te begeleiden. Wist hij veel dat luchtverkeerleider iets totaal anders inhield.

Om een lang verhaal kort te maken, onze vriend begon in 1992 te werken in de verkeerstoren van Nairobi's luchthaven en kreeg een hoop papieren strips en een alcoholstift als werkmaterieel.
Er waren geen radars, geen schermen, geen kaarten aanwezig,
Het enige wat Philip en zijn collega's deden, was de informatie die ze van de kapitein in het vliegtuig kregen, neerkrabbelen op 1 van de strips.
Ongeschreven regel was dat het laagst vliegende toestel helemaal beneden op je bureau lag. Op die manier hield je overzicht over de hoogtes en zag je in 1 oogopslag dat elk vliegtuig minimum 2,000 vertikale  voet van elkaar moest verwijderd zijn.

De positie ten opzicht van de aarde was een ander verhaal. Je kreeg de coordinaten en de snelheid via de radio en daar moest je dan maar "binnenin je hoofd" mee aan de slag.
Het was dus puur op je ervaring en inschattingsvermogen werken en er verdomd goed je verstand bijhouden als je alle ballen tijdens het jongleren in de lucht wou houden.
Er was niks aanwezig in de bureaus dat op enige manier aangaf hoe ver de vliegtuigen van elkaar vlogen en hoever ze verwijderd waren van de luchthaven.

Phillip begon te twijfelen aan zijn job toen er meer en meer dagen waren op het eind van de jaren '90 waarin er meer dan 15 strips op hetzelfde moment op zijn bureau lagen.
Een bijna air miss van een collega was het ultieme sein om een nieuwe job te zoeken.

Uit Mombassa was een DC8 met zware cargo opgestegen terwijl op hetzelfde moment een Boeing met honderden passagiers uit Nairobi vertrok,
Naast het virtueel in de gaten houden waar een vliegtuig zich zo ongeveer zou bevinden, moest er ook rekening gehouden worden met het feit dat een zwaar vrachtvliegtuig veel trager klimt dan eentje met passagiers.
De verkeersleider in Mombassa moet liggen slapen hebben want op 1,700 meter vlogen beide kisten op dezelfde hoogte.
Toen de kapitein van de Boeing in blinde paniek meldde dat hij visual contact had met een vliegtuig dat in zijn richting kwam op dezelfde hoogte, was het alle hens aan dek bij de verkeersleiders om een botsing te vermijden.

Op dat moment besloot Phillip dat het welletjes was geweest. Hij kreeg een job bij Emirates en woonde nadien in Saudi Arabie en nu in Vietnam...



donderdag 23 april 2015

MONIQUE OP BEZOEK

Vanwaar ze plotseling allemaal kwamen? Geen idee
Feit is dat de straat die naar ons appartement leidt, om 8 uur 's ochtends helemaal oranje kleurde.

Honderden boedhistische monniken op blote voeten schoven aan met hun metalen bedelkom. Aan de kant van de weg stonden tientallen mannen en vrouwen in een soort van uniform en in een devote stilte werd geld en voedsel in de kommen gestopt.

Het hele gebeuren was heel stijlvol en hoofs, afgezien van de luid toeterende taxi's die het liefst van al die oranjerokken op een hoopje hadden gereden....



donderdag 9 april 2015

CULTURELE VERSCHILLEN

Een nieuw land komt met nieuwe gebruiken.
Helaas is daar niet altijd een gebruiksaanwijzing bij en lopen de zaken wel eens anders dan gepland.

We hebben het niet echt getroffen sinds onze aankomst. Het project waarvoor we hierheen zijn verhuisd is nog altijd niet van start gegaan en we houden ondertussen rekening met de mogelijkheid dat dat misschien nooit zal gebeuren.

Mimi was ondertussen op zoek gegaan naar een nieuwe werkplek en had tamelijk snel een tijdelijke job als consultant te pakken bij een Duits bedrijf dat in Sai Gon door Vietnamezen geleid werd.
Bedoeling was de Chinese bedrijven te benaderen om te zien of daar een markt was voor de zo geroemde deutsche Grundlichlkeit.
Alles verliep voorspoedig en overeenkomsten werden getekend.
Het was dan ook logisch dat het contract omgezet zou worden naar werk van onbepaalde duur en daar werd zelf een flinke salarisverhoging aan gekoppeld.

Iedereen blij maar toch voelden we ons niet op ons gemak aangezien het effectieve ondertekenen van het contract pas na Chinees nieuwjaar zou gebeuren.
Mimi's tijdelijke werk was voorbij en samen met de kinderen zou ze de feestdagen doorbrengen bij haar ouders in Taipei.
Het was dan ook logisch dat ze voor haar vertrek langsging op het kantoor en er haar werklaptop en taxikaart afgaf.

Na Chinees neieuwjaar nam Mimi opnieuw contact op met de baas van het bedrijf.
Zijn antwoord was even kort als shockerend.
"Aangezien Mimi de laptop en de kaart terug had binnen gebracht, had ze hiermee aangegeven dat ze niet verder voor de zaak wenste te werken en dat het hele Go-China project bijgevolg in de koelkast ging."

We snapten er niets van maar toen we hierover raad gingen vragen bij onze Vietnamese vrienden werden we met verbazing bekeken.
Hoe konden we zo dom en zo lomp zijn??

Ten eerste wacht je tot je baas je de opdracht geeft voor de volgende stap en - veel belangrijker - ,in een land waar gezichtsverlies het ergste is wat je kan overkomen, was het feit dat de grote baas haar gewoon niet meer kon aannemen.
Mimi had ten opzichte van al haar collega's getoond dat ze haar relatie met het bedrijf voorgoed afsloot door alle eigendommen terug af te geven en nooit ofte nooit kon een baas op zijn knieen gaan en haar weer binnenhalen. Hij zou door iedereen als een zwakke leider worden gezien en dat paste niet echt in deze cultuur.

De drie toekomstige Chinese klanten hebben Mimi nog gecontacteerd en dat heeft Mimi netjes doorgegeven per mail aan de big boss maar daar is verder niks mee gebeurd aangezien niemand er Chinees spreekt.
Liever een paar honderdduizend dollar verliezen dan je aanzien dus!

We zijn er nog altijd van overtuigd dat Mimi correct heeft gehandeld binnen een Europees bedrijf maar het doet ons wel flink pijn in de portefeuille.


zondag 29 maart 2015

ON THE ROAD AGAIN (Deel VI)

Een paspoort flink te laat binnen brengen, komt je dus op een boete te staan. Met of zonder begeleidende brief van de ambassade.
Na enige discussie over de $50 extra werd me door immigratie dan maar voorgesteld om die som terug te vorderen van de ambassade.
Ik zie het al gebeuren.
Schrijven naar de ambassade.
Drie weken later schrijven terug dat de brief in deze format niet kan aanvaard worden.
Brief in nieuwe format schrijven.
Zes weken later brief terug dat ze helaas niets voor me kunnen doen aangezien ik de tijd van aanvraag overschreden heb...

En om me helemaal op de kast te jagen, kreeg ik gisteren een email dat de vingerprintmachine in april naar het consulaat wordt gebracht voor twee dagen.
Dat hadden ze me drie weken geleden niet kunnen vertellen?

Enfin, we blijven lachen, dat deed Franz Kafka vast ook...




zaterdag 21 maart 2015

ON THE ROAD AGAIN (Deel V)

Dat je paspoort aangevraagd wordt, betekent nog niet dat je het ook spoedig in je handen hebt.
Op maandag liet ik mijn vingerafdrukken - bewust - na in Ha Noi en de maandag erop zou ik mijn paspoort afhalen in Sai Gon, zo werd me beloofd.
Op maandag kreeg ik inderdaad telefoon dat ik mijn paspoort kon afhalen.
In Ha Noi.
Mijn hart stond even stil maar net zo snel werd aangeboden om het kleinood op te sturen naar Sai Gon waar het woensdag zou aankomen bij het consulaat.
Op woensdag bleek het bureau gesloten.
Op donderdag was het paspoort niet binnen.
Op vrijdag kreeg ik telefoon dat ik langs kon komen.
Ik wachtte drie kwartier in de rij, moest aftekenen en toen ik daarna vertelde dat ik nu al tien dagen te laat was voor mijn stempel en graag een brief had voor de immigratie waarin bevestigd werd dat de oorzaak van de vertraging bij de ambassade lag en niet bij ondergetekende, zuchtte de kantoormiep diep.
Heel diep.
Ze begon te typen voor de volgende 20 minuten en iedereen kreeg het behoorlijk op zijn zenuwen.
Toen ze eindelijk terug aan het loket verscheen, stond ze erop de brief te vertalen voor me.
Bleek dat ze had geschreven dat ik vandaag pas het paspoort was komen afhalen.
Met die verklaring kon ik helaas niet akkoord gaan en extra-heel-diep gezucht was het resultaat.
Mevrouw toog opnieuw aan het werk en daarna racete ik naar het mannetje dat de stempels regelde.
Paspoorten konden afgeleverd worden bij de immigratiediensten tot 12:30 en dat had ik net niet gehaald.
Maandag nog maar eens terug dan; nog drie dagen vertraging als surplus.
Ik hoop maar dat ik het land niet uitgeschopt wordt na alle moeite die ik gedaan heb om een goede burger te zijn....

dinsdag 17 maart 2015

ON THE ROAD AGAIN (deel IV)

De officiele diensten aan de grens van Cambodia-Vietnam hadden ervoor gezorgd dat mijn paspoort nu helemaal vol was en daar moest zo snel mogelijk iets aan gedaan worden.

Ik contacteerde de ambassade in Ha Noi die - ondermeer - een bewijs van residentie nodig had.
Ik mailde de eigenares van het appartement maar die verwees me door naar het politiebureau waar onze gegevens opgeslagen waren.
Met enige moeite bereikten we de pakkemannen, enkel om te vernemen dat we de exacte (!) datum van inschrijving moesten opgeven.
Blijkbaar worden gegevens op het politiebureau per datum bijgehouden en niet alfabetisch.
Je leert weer iets bij maar veel hielp het ons niet vooruit.

Dan maar een kopie van de huuroverenkomst doorsturen maar hier liepen we tegen het probleem aan dat die op naam van Mimi staat.
Uiteindelijk hielp de vriendelijke dame bij de ambassade ons uit de nood door een begeleidend schrijven van de eigenares te aanvaarden.

Alle papieren waren nu in orde maar de volgende mokerslag hadden we niet verwacht.
Ik moest me persoonlijk aanbieden in Ha Noi, 1700 km noordelijker, voor mijn vingerafdrukken.
Het consulaat is op wandelafstand maar helaas kon niemand me daar verder helpen.

Ik boekte een vlucht met een lagekostenmaatschappij en zette de wekker op drie uur in de ochtend.
De vlucht vertrok op tijd en tegen acht uur stond ik in koud en regenachtig Ha Noi. Via vrienden hadden we een betrouwbare chauffeur weten te vinden en die bracht me 45km verder de stad in.

Op de ambassade was het nog niet echt aanschuiven; ik moest enkel drie mensen laten voorgaan en dan was ik aan de beurt,
Helaas mochten die figuren - die een visum voor Belgie wilden aanvragen - al hun papieren invullen aan de receptiebalie.
En met "al hun papieren" bedoel ik dan dat er ongetwijfeld een voetbalveld uit het tropisch regenwoud was gehakt om alle afdelingen van alle ministeries tevreden te stellen.

Toen het eindelijk mijn beurt was, stapte een oude oma me schaamteloos voorbij. Ze acteerde doofheid en zelfs toen de receptioniste haar vermanend toesprak, weigerde ze haar veroverde positie te verlaten.
Ik begon te begrijpen waarom de Amerikanen het hier zo moeilijk hadden gehad in de Vietnam oorlog.

Als zoenoffer mocht ik mijn paspoort afgeven maar daar gebeurde verder niet heel veel mee.
Uiteindelijk werd ik toch nog verder geholpen en op vijf minuutjes was de klus geklaard.
Er heerstte nog enige verwarring toen de ambassademevrouw me vroeg of ze mijn vingerafdrukken voor de totale geldigheid van mijn paspoort mochten bijhouden.
Op mijn vraag of vingerafdrukken ook rimpels krijgen bij het ouder worden en derhalve onbruikbaar zullen zijn in de toekomst, kreeg ik geen afdoend antwoord dus ik liet het er maar bij.

Eenmaal buiten probeerde ik mijn vlucht van vijf uur 's middags om te boeken naar een eerder tijdstip maar alles was volgeboekt.
Ik slenterde wat door de stad, at verschillende ondefinieerbare hapjes aan diverse stalletjes en was tegen drie uur in de namiddag terug in de luchthaven, enkel om bij het uitstappen van de taxi een SMS te krijgen dat mijn vlucht vertraging had opgelopen.
Als tegemoetkoming voor 2.5 wachten, kregen we een flesje water van 35cl maar eenmaal op het vliegtuig begreep ik beter wat het meiske aan de incheckbalie had bedoeld toen ze zei dat ze het apprecieerde dat ik niet boos reageerde op de vertraging.
Ze had me aan de nooduitgang geboekt.
O extra beenruimte, o extra zweetvoetengeur van de man naast me (die op een andere rij nooit zijn schoenen had weten uit te trekken).

Uiteindelijk strompelde ik 19 uur na mijn vertrek terug ons appartement binnen.
Allemaal voor een paar vingerafdrukken...


zaterdag 14 maart 2015

ON THE ROAD AGAIN (deel III)

We hadden niet veel meer uitleg nodig om te beseffen dat we ons eens te meer flink in nesten hadden gewerkt.
De opdracht van de dag was nochtans simpel: ga naar Phnom Penh, vind de ambassade en vraag heel beleefd om een uitnodiging.
Extra hindernissen om het spel een beetje spannend te houden, waren de afstand van 160 km en het feit dat het zaterdagmiddag was. Verder hadden we geen reservekleren, geen bankkaarten en zelfs niet de asthma-puffer van Enzi bij.
Het beloofde een spannend weekend te worden...

Een snelle berekening leerde me dat ik winst zou maken door de beambte om te kopen met $250.
De man had duidelijk trek in de aangeboden wortel maar durfde gewoon niet toe te happen.

Er zat dus niet veel anders in dan in een taxi te stappen (elke bus die stopte zal al vol) en in bijna drie uur naar Phnom Penh te rijden.
We kwamen aan bij de ambassade - terug open op maandagochtend - en stapten in een driewiel-tuktuk die ons door een heel relaxte stad reed op zoek naar een hotel,
In een achterafstraatje vonden we "7" en achteraan in het hotel vonden we een kamer waar "het putje nogal flink stonk".
Het hielp allemaal niet echt om ons een vakantiegevoel te geven.

Gelukkig ontmoetten we via via een goeie ziel die ons wat geld voorschoot zodat we 's avonds tenminste ook iets te eten hadden.
De volgende ochtend trokken we met enige weerzin onze zelfde kleren aan en bezochten dan de Russische markt waar we voor $3 het stuk voor elk wat T-shirts en ondergoed konden kopen.
Daarna vonden we een heel behulpzame dame die ons flink wat dollars afhandig maakte voor haar assistentie. Gelukkig werd net diezelfde mevrouw ons later tweemaal aangeraden door bewoners van Phnom Penh.
Onze dollars waren dus in ietwat betrouwbare handen.


We verkastten naar The Willow hotel waar we voor exact dezelfde prijs als de vorige nacht een pracht van een kamer in een Cambodiaanse villa betrokken en op maandagochtend kregen we telefoon dat onze paspoorten afgestempeld waren en dat we gelijk in een vroegere bus waren geboekt.
We gooiden onze weinige bezittingen in twee plastic zakken en kwamen te laat voor de bus...
Er volgde nog een helse achtervolging met een tuktuk (voor 1 keer was ik de uitvindingen "smart phone" en "verkeersopstopping" dankbaar) en na veel over-en-weer gebel-terwijl-aan-het-stuur; stunts tegen de rijrichting en over het voetpad en constant getoeter, werden we de bus in gejaagd en stonden we 's avonds tegen achten terug in Sai Gon.

Vier dagen op stap; een nieuw land bezocht maar volgende keer graag wat meer gepland en wat minder stress!

donderdag 12 maart 2015

ON THE ROAD AGAIN (deel II)

Zoals overal ter wereld, wordt grof geld verdiend aan visa.
Terwijl je in Tanzania de hele tijd over je schouder moest kijken om te zien of de immigratiebeambten niet achter je aan zaten, loopt het in Vietnam wat soepeler op gebied van onaangekondigde controles.
Daar staat dan tegenover dat je er beter voor zorgt dat je papieren altijd in orde zijn. Een dagje te laat en de papiermolen gaat draaien.
Raak daar nog maar eens uit...

Drie verlengingen van je status kan je in het land zelf krijgen. Voor nummertje vier moet je er eventjes uit.
Zo kwam het dat we begin februari - op mijn enige vrije dag van de week nota bene - in een gehuurde auto stapten om Cambodia te gaan bezoeken.
We vertrokken om acht uur 's ochtends, zouden de grens overwippen, een visum voor ons buurland krijgen en ons daarmee opnieuw aanbieden aan de Vietnamese kant.
Tegen twee uur in de namiddag terug in Sai Gon, zo werd ons verzekerd door onze Singaporese vrienden die dit tripje helaas elke maand moesten maken.
We hadden beter moeten weten - mensen die hun kinderen Jet, Jess en Jean (dzjeen) noemen, zien de wereld anders dan wij.

We kwamen aan bij de grens na twee uur rijden, moesten wat smeergeld betalen om het land uit te mogen; betaalden opnieuw iets extra aan de kant van Pol Pot voor een snellere service en wandelden gelijk Cambodia terug uit.
Veel hadden we niet van het land gezien maar dat zou spoedig veranderen.
Bij de exit van Cambodia werd ons gevraagd om onze invitatiebrief voor Vietnam.
"Nog nooit van gehoord," zeiden we zelfverzekerd, "en dat hebben we niet nodig ook."
De stempelaar van dienst keek ons meewarig aan om zoveel stupiditeit en waarschuwde ons dat we hem binnen een half uur zouden smeken om die exitstempel ongedaan te maken.

We kwamen aan bij onze Vietnamese broeders en gaven onze paspoorten af.
Waar onze invitatiebrief dan wel was?
Een beetje bleek rond de neus probeerden we ons eruit te bluffen.
Onze vrienden van Singapore hadden ons er niks over verteld dus alles was in orde, zo leek ons.
Er werd ons uitgelegd, vriendelijk maar kordaat, dat Singapore onder ASEAN valt en dat dat clubje dat formulier niet nodig had.
"Jullie wel", werd er niet bijgezegd maar tegen dan voelden we de bui al lang hangen....

dinsdag 10 maart 2015

ON THE ROAD AGAIN (deel I)

Onderweg zijn, is heerlijk.
Het is dat anticiperende gevoel op wat komen gaat dat wordt gemengd met nieuwe indrukken terwijl je door een onbekend stuk wereld reist.

Helaas is het niet altijd zo.
Vooral wanneer je het onderweg zijn simpelweg beschouwt als de kortste afstand tussen twee punten.

Ik herinner me levendig de enige drie keer dat ik de TGV genomen heb. Hoge SnelheidsTrein zullen we het maar niet noemen.
In februari 2010 probeerde ik London te bereiken met de TGV maar dat quasi onmogelijk. Zes uur later dan gepland, haalde ik het uiteindelijk.
In augustus 2011, op weg van Parijs naar Belgie, sloten de deuren van de TGV terwijl de helft van ons gezin op de trein was geraakt maar de andere 50% nog op het perron stond.
Gelukkig zag een man naast ons zijn halve trouwboek verdwijnen uit zijn leven in dezelfde omstandigheden en stampte hij zo hard op de deuren dat die in doodsangst ontgrendelen.
Blij zat voor de hereniging van ons gezinnetje maar - nadat ik de vrouw in kwestie de trein zag bestijgen - begreep ik niet dat de man zijn kans niet had gegrepen om haar uit zijn leven te schrappen.
In juni 2014 bracht mijn lieve zus me op een ontiegelijk vroeg uur naar het station van Brugge waar de TGV naar Schiphol me opwachtte.
Alles verliep voorspoedig tot het onding op tien minuten voor de luchthaven voor anderhalf uur stil bleef staan.
Het gevolg was een gemiste vlucht, €300 overboekingskosten voor een vlucht naar Kenia, een taxirit naar de grens met Tanzania en Mimi die me om 1 uur 's nachts aan de grens kwam ophalen in een gebied waar overvallen legio waren.
Van onze vrienden van de TGV kon ik €16 terug claimen als ik er een ton bewijsmateriaal bij voorzag.
Ik heb het maar gelaten voor wat het was.

Waar gaat deze post nu heen, zo vraag ik me af.
Geef me even de tijd om dat zelf uit te vissen.
Tot morgen bijvoorbeeld....

zondag 4 januari 2015

MISS(ER) OP DE MARKT

De familie kwam niet alleen langs om in de prachtige tuin rond te hangen.
Ze wilden ook wel wat van het leven in de Mekong Delta zien en dus namen we elk een fiets, probeerden niet in de kanaaltjes te sukkelen op de veel te smalle bruggetjes en reden het enige rondje dat ik tot nu toe ken.

Op de terugweg stapten we af aan de lokale markt en wandelden traag tussen de eetstalletjes door, ons vergapend aan het aanbod van slang of schildpad.

We passeerden de vismarkt, grote gladgeschuurde cementblokken waar constant water wordt over gespoeld. Krab, paling, vissen in alle soorten en maten en daartussenin de viswijven die hun spreekwoordelijke naam alle eer aan deden.

Luid gelach klonk op toen een kaalkop met overgewicht en een damesfiets de arena betrad.
Kreten van verbazing weerklonken terwijl twee donkerhuidige kleuters hun fietsjes door de drukte stuurden.
Een bont gekakel van helle stemmen rees tot een climax toen Mimi de rij sloot.
We hoorden de viswijven ons lang naroepen.
Echt vriendelijk klonk het allemaal niet maar Vietnamees heeft nu eenmaal niets zoetgevooisd.

De dag erop ging 1 van de keukendames naar de markt en ze werd meteen de mantel uitgeveegd.
"Wat voor een arrogante trut uit de grote stad had Mango Homestay nu toch aangenomen als gids?"
Mijn collega begreep er niets van.
"Nou," ratelden de dames door elkaar, "was hier gisteren toch een heel bijzonder stel op bezoek"
"Een witte man was het met twee bruine kindertjes," vulde iemand anders aan.
"Maar toen we de gids vroegen waar die wel vandaan kwamen, liep ze ons straal voorbij. Neus in de lucht en daar ging de koningin."
"We hebben ze dan maar - onze naam waardig - uitgemaakt voor het vuil van de straat," sloot iemand het betoog af.

Onze keukenhulp trok een beetje bleek weg, kalmeerde de viswijven die alweer in overdrive gingen en een nieuwe aanval wilden lanceren op het nuffige juffertje uit Saigon en vertelde hen dat hun zogenaamde gids de mama van de koters was en dat ze geen woord Vietnamees sprak. Chinees had ze dan wel onder de knie maar daar had niemand wat aan.

Luid gebulder weerklonk en schreeuwend werd het goede nieuws doorgegeven. In twee minuten kende de hele markt het verhaal van het arrogante gidsje.

Helaas zal ik dan bijgevolg bij een volgend marktbezoek ook niet meelevend op de schouder worden geklopt en zal ik niet getrakteerd worden op slang en schildpad om het onbeschofte gedrag van hun landgenote goed te maken.
Altijd iets mis met die Mandarijnen...

zaterdag 3 januari 2015

AVONTUREN IN DE AVONDUREN

Tijd vervliegt voor je beseft dat ie er is en zo werd het eens te meer eindjaar.
De eigenaars van Mango Homestay zetten alle zeilen bij en hoewel alle kamers bezet waren, nodigden ze toch iedereen uit voor een gratis buffet en bijhorende drank.

Het gezin was overgekomen uit Saigon voor twee nachten en verder hadden we zomaar eventjes tien Duitsers over de vloer (als die mannen binnenvallen, doen ze het nog altijd in troepen).

Later die avond, toen iedereen alle Vietnamese specialiteiten had geproefd en teveel lokale Dalatwijn hadden gedronken, bleken we met twee heel sympatieke Duitse koppels rond de tafel te zitten.
Er werd gepolst hoe een vrouw uit Taiwan/Amerika een norse brompot uit Torhout/Gent had leren kennen en waarom het leek of ze hem nog wou houden ook voor een extra jaartje.
We vertelden de hele samenloop van omstandigheden, door sommigen het noodlot genoemd en door anderen dan weer de jackpot en toen was het de beurt aan de reizigers.met de fietsen

In een eindeloos lang maar best wel interessant verhaal vertelde de vrouw hoe ze elkaar 19 jaar geleden in Birma tegen het lijf waren gelopen. Het was mooi en lief te zien hoe ze respectvol met elkaar omgingen.

Het laatste koppel was nog nagelnieuw, dat zag je zo.
Ze waren van middelbare leeftijd; de man was een struise kerel met een wilde baard en zijn vrouw was vriendelijk maar wat teruggetrokken.

In de laatste twee weken had ik geen alcohol gedronken en na drie glazen wijn had ik hem al flink om toen ik vroeg om het laatste verhaal van de drie koppels.
De man wuifde het voorstel vriendelijk weg wegens te banaal maar er was helaas geen houden aan ondergetekende.
Ik drong nog eens aan en had er tijdens de eerste woorden al flink spijt van.
Daarna gelukkig niet meer want het verhaal was zeer de moeite waard.

"We hebben elkaar leren kennen in een burn out kliniek," zo begon de vriendelijke man.
Een ongemakkelijke stilte viel; hoe reageer je op zoiets als ook de spreker zwijgt?
Gelukkig nam ie het woord opnieuw en vertelde zijn verhaal.
Hoe hij op het werk jaar na jaar onderuit gehaald werd door zijn baas en hoe hij elke keer toch weer opstond om nog beter te doen.
Hoe hij voelde dat ie aan zijn limiet zat maar toch niet wilde opgeven omdat hij dan de verliezer zou zijn.
En hoe hij tenslotte plots - van het ene moment op het andere - niet meer kon en meer dan een jaar nodig heeft gehad om er ietwat bovenop te komen.
Het was stil aan de tafel; iedereen zat met tranen in de ogen te luisteren naar het relaas.

"Dankzij die burn out heb ik mijn vrouw leren kennen," sloot ie af, "en dat alleen is al de moeite maar ik ben zo blij achteraf dat ik hier doorheen heb gemoeten."
"Het heeft ervoor gezorgd dat ik mezelf beter ken, dat ik bepaalde signalen beter herken maar vooral dat ik weet wat ik waard ben en dat dit niet afhangt van een of andere machtsgeile idioot."

Vorig jaar heb ik een dierbare vriend richting burn out zien schuiven (en gelukkig is ie er rakelings  langs gegaan) en ondertussen zit een al even dierbare vriend er middenin.
Zij hebben zonder twijfel meer inzicht dan ik maar het moge duidelijk zijn dat het werk meer en meer een rat race aan het worden is en dat we moeten begrijpen dat het ook anders kan.

Ik wens iedereen voor 2015 een goeie gezondheid en tevredenheid. En meer moet dat niet zijn....