donderdag 3 september 2015

THE BONKIGE BROMPOT-BROMMER BROTHERS (DEEL IV)

De ochtend erop had ik een afspraak met Dr. Paul Olivier, een Amerikaan die sinds acht jaar in Vietnam woonde en bezig was met zijn levenswerk "een unconventional way of raising pigs" waarbij op een andere manier naar duurzaamheid en afval werd gekeken.
Gezien mijn eerder pessimistische idee over een leefbare toekomst, was dit de man die ik wilde ontmoeten.

Bij het inleidend gesprek bleek tot onze grote verbazing dat Paul een flink stuk van zijn leven in "Anzaeme" (Handzame) net naast Torhout had gewoond. Hij sprak het netjes met het juiste dialect en op de typisch lijzige manier uit.
Bleek dus dat we twintig jaar eerder al buren waren geweest.

Ondanks zijn 68 jaar gaf Paul me een uiteenzetting van vier uur hoe kleinschalige landbouw kon benaderd worden zodat het winstgevend werd door meer opbrengsten en tegelijk kostenbesparend zou werken aangezien er veel minder meststoffen en diervoeding moest gekocht worden.
Ik hing aan zijn lippen gedurende het hele verhaal en maakte zo veel mogelijk notities.

We gingen een pizza eten en ontmoetten er ook mijn reisgenoot Harald die de ochtend doorgebracht had bij een dame die sla produceerde met de hydroponics techniek.
In de namiddag bezochten we telers van paprika's, tomaten en komkommers die samenwerkten met Rijkzwaan, het bedrijf waar Harald voor werkt in Tanzania.
Da Lat is ongeveer volgebouwd met serres gedurende de laatste twintig jaar en het was mooi te zien hoe professioneel hier gewerkt werd.
Afrika had nog veel te leren...

We belden Andy voor een drankje maar onze eenzame fietser was die ochtend om vier uur op zijn fiets gestapt en was ondertussen alweer 200 km verder. De man trapt duidelijk door.

We bezochten een cocktailbar ($2 voor 1 drankje, gevaarlijk!!) en belanden daarna in de ietwat obscure kelder van een hotel waar de westerse eigenaar met zijn bandje loos ging op rockmuziek uit lang vervlogen tijden.

Uiteindelijk reden we - flink beneveld - terug naar ons guesthouse waar de Duitse eigenaar ons opwachtte alvorens hij naar bed kon.
Hij had ons om 10 uur verwacht en we waren een kwartiertje later wat aan Harald de opmerking ontlokte dat "papa boos was".
Giechelend als twee schooljongetjes gooide ik er nog "Sperrstunde" bovenop en huilend van de dolle pret stommelden we de trap op terwijl onze gastheer ons met onbewogen blik nakeek.
"Niet moeilijk dat we ze binnen de vier dagen onder de voet liepen," dacht ie vast.

Geen opmerkingen: